Op weg naar werk na/ met PTSS

Ik ben na 4 jaar weer aan het werk! Dat is aan de ene kant iets heel positiefs, maar het heeft (zoals met alles in het leven) ook een andere kant. Zoals ik al eerder schreef, gaat het momenteel even niet zo goed met me. En weer aan het werk zijn scares the sh#t out of me! Maar dat komt vooral omdat er nog zoveel meer speelt op het moment.

Er is de laatste tijd een overload aan triggers op me af gekomen en daardoor een overload aan emoties en gevoelens. Wat een chaos in mijn hoofd. Én ik ben dus net weer begonnen met werken (ja óók een trigger.) Wat er nu allemaal gebeurt is Murphy’s law.

Murphy’s law volgens Nolan

Maar dan wel Murphy’s law volgens mijn lievelingsfilm Interstellar van Christopher Nolan: “Anything that can happen, will happen” en dus niet de originele Murphy’s law: “Anything that can go wrong, will go wrong”. Want misschien is wat er “mis” gaat eigenlijk wel een “blessing in disguise”. Of op zijn minst een mooie les die ik ervan kan leren.

Nou ja, zo frame ik het maar. Een ander, minder optimistisch frame dat óók regelmatig door mijn hoofd gaat is: het leven is weer even ronduit kl#te. Mijn overlevingsmodus staat weer aan. Dankzij Murphy’s law (en natuurlijk vooral door mijn eigen reacties daarop…)

Hoe het begon

Ik ben dus weer begonnen met werken. Via de gemeente heb ik in het najaar een geweldige training in persoonlijke ontwikkeling gedaan. Deze training was onderdeel van een traject naar werk.

Ik begon in de herfst van 2020 met het traject en had me voorgenomen om in de herfst van 2021 weer aan het werk te gaan. Ik wilde mezelf in ieder geval een jaar de tijd geven om mezelf op de rit te krijgen. Bovendien gaat in de herfst van 2021 onze jongste dochter naar groep 1. Dus in het najaar van 2021 zou ik meer rust en ruimte in mijn hoofd en agenda hebben. Dat was het plan.

Maar zoals altijd, gaat bij mij alles heel snel. Ja, ik ben me er inmiddels echt van bewust dat dat mijn eigen “schuld” is… Ik ben dus niet in de herfst, maar in de lente van 2021 begonnen met werken. Ohhhhh…

Te snel? Of juist een goede leerschool? Of allebei? Ik denk dat laatste. Tis volgens mij bijna nooit of/ of, maar en/ en. De twee kanten. Wat zeg ik: twee kanten? Heel veel kanten, meestal. Lekker divers en verwarrend.

Voorbereidende trainingen

Die eerste training heeft me geholpen mijn kwaliteiten in te zien en te laten ervaren. De trainer en de deelneemsters hebben mij mede gesupport om me aan te melden bij PSYTREC. Heel erg waardevol.

De vervolgtraining begon begin februari. Deze was er meer op gericht om de deelnemers op werk voor te bereiden. Zoals hoe je je CV maakt. Ik wilde de vervolgtraining graag vast volgen. Ik word blij van trainingen. Ik had totaal niet de intentie om al naar werk te gaan zoeken. Ik hoefde ook niet te zoeken. Het werk vond mij.

Be careful what you wish for…

Tijdens de eerste vervolgtraining schreef ik op een vel papier wat mijn favoriete functie zou zijn. De training was thuis via Zoom en ik had deze favoriete functie met niemand gedeeld. Het was namelijk de huiswerkopdracht voor de training van de week daarop. Ik zat het allemaal al in te vullen tijdens de pauze, want ik werd er zo blij van, oh oh oh…

Het was te bizar. Ik had dus nét opgeschreven wat ik zoek in een nieuwe baan en nog geen twee uur later krijg ik ‘m in mijn schoot geworpen! Be careful what you wish for because you just might get it.

Die middag kreeg ik namelijk een mail van de nieuwe trainer. Ze had een functie langs zien komen en dat leek haar écht wat voor mij! Ik las de vacature en er stond nog net niet met koeienletters boven: DEZE DROOMBAAN IS VOOR ROOS.

De functie die ze mailde kwam zo goed als één op één overeen met wat ik had opgeschreven bij de huiswerkopdracht. Ongelooflijk!

Te snel, maar/ en te leuk!

Ik vond het eigenlijk wel te snel, maar het was zo’n leuke functie bij zo’n leuke plek dus ik reageerde vol enthousiasme! Ze stuurde me door naar degene die de functie coördineerde, Eric. Hij vroeg me die middag mijn CV en motivatiebrief te mailen. Wat ik meteen deed. Die snelheid is natuurlijk mijn kracht én mijn valkuil!

De volgende dag dacht ik: Oh jee! Dit gaat me toch echt veel te snel! Ik wilde in de herfst beginnen. Ik heb pas net mijn behandeling afgerond bij PSYTREC. Kan ik dit wel!? Ben ik er wel klaar voor?! Hellup!

Ik vertelde mijn hele verhaal en twijfels aan Eric. Hij was superbegripvol en samen met de trainer stelde hij voor er een werkervaringsplaats van te maken. Een soort vrijwilligersfunctie. Zo lief! Want dat haalde bij mij druk eraf. Ik besloot het een kans te geven.

Twee weken later had ik mijn sollicitatiegesprek en werd ik aangenomen. Ik was megablij! Eind maart zou ik dan beginnen. Dan kon ik in de tussentijd mijn training en therapie afronden. Joepie, goeie timing allemaal!

Een dag later

Het leven laat zich niet plannen. Net nu ik dacht alles lekker op de rit te hebben… Een dag later gebeurde er iets naars en in de dagen die volgden, vertelde onze oudste dochter meer over de vervelende dingen die ze had meegemaakt. Daar kreeg ze steeds meer last van. Ik had zo met haar te doen. En het triggerde mij enorm.

Robin en ik zijn op zoek gegaan naar hulp. Wat nog niet zo makkelijk is in deze tijd… Lange wachtlijsten of zelfs gesloten wachtlijsten. Gelukkig hebben we vele engelen om ons heen die ons de goede kant op stuurden, want we kunnen aankomende week bij een fijne praktijk terecht! Dat geeft hoop.

In de tussentijd

De afgelopen tijd was wel een pittige tijd. Ook omdat ik van alles met school moest communiceren en ik me niet altijd begrepen en serieus genomen voelde… Trigger!

Vorige week was mijn eerste werkdag, superleuk én supereng. Die middag had ik ook nog een begrafenis én belde mijn broertje over de geboorte van mijn lieve neefje. Wow, error in mijn hoofd! Emo overload.

Mijn hele systeem schreeuwde: vluchten! Stop met alles, vermijden, verstop je, ren voor je leven! En vooral: laat niemand zien hoe zwak je nu bent! Het was moeilijk om volledig mijn exposureplan te blijven volgen. Vooral het #1 exposurepunt: focus op mezelf en niet op de ander.

Ik heb inmiddels, met hulp van mijn jobcoach Eric, op mijn werk aangegeven dat mijn PTSS getriggerd is door het weer beginnen met werken en alles wat er gebeurd is de afgelopen tijd. Dat vond ik doodeng, maar ze reageerden zó fijn!

Wat een opluchting! Ik ben heel erg blij met deze werkervaringsplaats. Nu kan ik rustig oefenen met mijn plek vinden in het werkende leven, mijn grenzen voelen en aangeven enzovoort. Een zegen! Afgelopen donderdag heb ik daarom best aardig kunnen werken.

Vermijdingsgedrag

Herstellen en vermijden gaan niet samen, leerde ik bij PSYTREC. Als ik zou gaan vermijden zou de PTSS weer aan kunnen gaan, had mijn EMDR therapeut gezegd. Dat had ik goed in mijn hoofd geprint. Nu blijkt dat ik onbewust en onbedoeld toch aan vermijdingsgedrag ben gaan doen. Realiseer ik me nu.

Dat realiseer ik me, omdat ik voél dat de PTSS weer aan is gegaan en ik weer klachten krijg. Op mijn moodtracker app heb ik mijn exposureplan toegevoegd aan mijn doelen en vandaag heb ik me er heel strikt aan gehouden. Echt afzien, maar broodnodig.

Ik voel onder andere dat ik weer de neiging krijg om voor het slapen onder het bed en in kasten te kijken of er niemand zit. Die hyperalertheid en angst zijn killing. De donkere gedachtes ook. Maar het is een goede les. Een hele moeilijke ook ja. Het is het allebei.

Exposureplan van PSYTREC

Vandaag heb ik goed mijn exposureplan gevolgd. Op mezelf gefocust (het allerengst en allermoeilijkst) en onder andere veel meer bewogen dan ik de laatste tijd deed. Ik heb veel yoga gedaan (met open gordijnen) gewandeld, gedipt, de foto van de dader bekeken, de Netflix docu Tell me who I am gekeken naar aanleiding van het boek Dicht bij huis.

Met als resultaat dat er heel veel emoties loskwamen die ik dus onbewust en onbedoeld weer weg had zitten duwen. Ik heb veel gehuild, gehyperventileerd, geknepen met mijn handen, gebeten op mijn wangen, zitten trillen als een rietje (ik noem het binnenbibberen) en zitten schudden van de angst. Echt bijzonder en heftig om te merken hoe het lichaam alles weet.

Vandaag kwam mijn nieuwe boek “The body keeps the score” van Bessel van der Kolk binnen. Een bestseller over hoe traumasporen achterblijven in het lijf. Ik ben er nog niet in begonnen, maar mijn lichaam gaf vandaag al even een samenvatting. Poe. Maar ik weet dat ik op de goede weg ben!

Dit opschrijven en delen is ook weer goeie exposure voor mij. Dank je wel dat ik het met je mag delen en dank je wel dat je dit wil lezen.

Mijn great reset

De dagelijkse great reset van mijn systeem: een dip in het Gooimeer. Wát een mooie ochtend. Vandaag was een extra speciale dip.

Straks neem ik afscheid van de GGZ Rembrandthof in Hilversum en van mijn geweldige behandelaar.

4 jaar lang ben ik daar bijna wekelijks geweest. Ik werd behandeld voor mijn bipolaire 2 stoornis. Later bleek dat ik geen bipolaire 2 stoornis had, maar dat mijn klachten kwamen door een posttraumatische stress-stoornis.

Die PTSS is ontstaan door seksueel misbruik uit mijn kindertijd. Door het RTL programma Geraldine en de vrouwen kwam ik bij psychotrauma expertisecentrum PSYTREC terecht.

Bij PSYTREC kreeg ik een great great reset, met behulp van Exposure therapie, EMDR, Psycho-educatie en een Activerend Sport en Bewegingsprogramma.

Het is fantastisch wat zij voor mij hebben betekend. Ik ben van mijn PTSS af dankzij PSYTREC.

Ik ben nog herstellende, dat voel ik wel. Maar mijn tijd bij de GGZ, afdeling bipolaire stoornissen kan worden afgesloten. Ze zeggen, en dat voel ik ook, dit is niet meer de juiste plek voor jou. Ik ben klaar daar.

Ik ben mega dankbaar voor mijn GGZ behandelaar. Mede dankzij haar heb ik mijn trauma aan durven gaan. Zij was de eerste aan wie ik durfde te vertellen dat mijn zwemleraar mij destijds heeft misbruikt.

Nu ben ik blij dat ik verder kan met mijn herstel bij de online groep van Jeannette Dijkstra van Praktijk Voelmoedig en natuurlijk met de Wim Hof Methode en de Gooimeer dips met de Plonsclub. Ik blijf ook schrijven op deze blog. Schrijven helpt mij enorm.

Maandag begin ik met mijn nieuwe baan, een werkervaringsplaats. Een nieuw begin. Héél spannend, maar ik weet nu: wat er ook gebeurt, ik ben veilig en ik kan het aan.

Dankzij mijn great reset.

🎵Here comes the sun. And I say it’s all right.🎶

Het leven beleven

Vanochtend deed ik mijn Wim Hof ademhalingsoefeningen en daarna mijn vijfde Wim Hof dip. Heerlijk! Vrijdag ben ik begonnen met de Wim Hof Methode. Iedere dag doe ik de ademhalingsoefening en daarna een koudetraining met een dip in het Gooimeer.

Ik zet mijn intentie en gebruik mijn mindset (de derde pijler van de WHM) om, waar het lukt, te creëren en manifesteren wat ik graag wil. Vanochtend ging dat echt zo goed, dat ik het voor het eerst niet koud had toen ik het water uit kwam. Supertof!

Vanochtend kregen Robin en ik ook de tip van het boek “Houd me vast – 7 emotionele gesprekken voor een hechte(re) en veilige relatie” van Sue Johnson. Een mooi boek om je relatie te verdiepen.

Ik kijk altijd eerst op Marktplaats om een boek tweedehands te vinden. Was er nét een advertentie geplaatst met een collectie zelfhulpboeken met, yes you’ve guest it, Houd me vast! Meteen gekocht. Ha, van zulk soort synchroniciteit word ik nou echt blij!

Creatie en manifestatie

Dat soort synchroniciteit en flow ervaar ik heel vaak in mijn leven. Creëren en manifesteren gaat dan heel makkelijk. Heel bijzonder vind ik dat en ik word er erg vrolijk van. Dat maakt voor mij het leven echt de moeite waard. De magie van het leven beleven. Creëren en manifesteren, samen met de mensen om me heen.

De Plonsclub waar ik in zit is ook zo’n toffe groep mensen. Robin gaat morgen ook mee om voor het eerst een dip doen. Heel leuk om dit samen te gaan doen, zin in! Bijzonder ook weer hoe dit op ons pad is gekomen, de dag na mijn behandeling bij PSYTREC zag ik de Plonsclub voor het eerst. Sindsdien zag ik ze steeds als ik op de dijk wandelde. Vrijdag ging ik zelf voor het eerst, precies het goede moment!

De magie van het leven is, denk ik dus, beleven. Wat het ook is. “Good” or “bad”. Zo voelt het voor mij in ieder geval. Als ik in de flow zit, voelt alles heel mooi. Maar in een depressie is dat gevoel ver te zoeken. Terwijl de dalen natuurlijk net zo goed een onderdeel zijn van de magie van het leven. Alles is onderdeel van de reis van mijn leven. Alle routes, de “mooie en moeilijke” dragen bij aan mijn binnenwereldreis.

Ik ben blij dat ik de Wim Hof Methode heb ontdekt, want het geeft me levensvreugde en levenskracht om te dealen met “what life throws at me.” Het brengt me terug naar dé en naar míjn natuur. Ik vind het een bijzondere tool om mijn fysieke en mentale gezondheid te behouden en/ of te verbeteren.

Paradigma shift binnen de GGZ

Vorige maand las ik dit artikel met Joost Rompa in de Volkskrant, over verkeerde diagnoses. Joost had jarenlang de diagnose bipolaire stoornis, maar bleek een posttraumatische stress-stoornis te hebben door een onverwerkt vroegkinderlijk trauma. Ik vond zoveel herkenning in dat artikel. Het raakte me. Van de week zag ik Joost voorbij komen op LinkedIn. Ik stuurde hem een LinkedIn uitnodiging, we raakten aan de praat en besloten gisteren te bellen en ervaringen uit te wisselen.

Joost heeft in 1999 de diagnose bipolaire 1 stoornis gekregen. Hoewel hij destijds duidelijk aan had gegeven dat hij een hele zware jeugd heeft gehad en hulp nodig had bij de verwerking daarvan, kreeg hij het etiket bipolaire 1 stoornis. Hij moest 20 jaar lang vele verschillende medicijnen slikken. Die maakten zijn klachten alleen maar erger. Niemand vroeg hem nog naar zijn trauma. Hij had een etiket bipolaire 1 stoornis en daar werd hij naar behandeld. Punt.

Zijn moeder had ook de diagnose bipolaire 1 stoornis. Het is vaak erfelijk, zeggen ze, dus Joost kreeg snel hetzelfde label opgeplakt. Dat zijn moeder óók een heftig jeugdtrauma had en dat dat wel eens de oorzaak van al haar klachten kon zijn, was niet belangrijk voor de GGZ. Joost moest gewoon zo snel mogelijk een diagnose en medicatie krijgen.

Niemand luisterde

Het verhaal wat Joost vertelde over zijn ervaringen met de GGZ vond ik heel schrijnend. Hij werd zó niet gehoord. Hij wist toen hij om hulp vroeg precies wat de oorzaak van zijn klachten was. Maar niemand luisterde.

Gelukkig zijn de tijden veranderd. Inmiddels is hij vanwege alle nare bijwerkingen (tegen het advies van zijn psychiater in en met hulp van de apotheek) gestopt met zijn medicatie en heeft hij met hulp van zijn huisarts een nieuwe diagnose gekregen: Posttraumatische Stress-stoornis (PTSS). Die diagnose past hem als een jas en hij wordt nu behandeld voor zijn onverwerkte trauma’s.

Onwetendheid

Het rare is: veel psychiaters van de oude stempel weten vrijwel niks van trauma’s en de verregaande gevolgen daarvan op iemands leven. Traumabehandeling is iets waar ze vaak al helemáál niks van weten.

Ze weten vooral hoe je moet starten met medicatie. Over afbouwen weten ze dan ook weer vrij weinig. Bijna niemand heeft volgens mij écht goede kennis over afbouwen, omdat onderzoek doen naar afbouwen de farmaceutische industrie geen geld oplevert?!

Joost is enorm de dupe geworden van de onwetendheid binnen de hulpverlening. Echt vreselijk. Onwetendheid is natuurlijk menselijk, maar zeker in dit geval wel echt vreselijk. Getraumatiseerde mensen zoals Joost raken daarbovenop óók nog eens getraumatiseerd door de hulpverlening… Gelukkig komt er in mijn beleving een paradigma shift aan.

Paradigma shift

Joost zijn verhaal raakte me heel erg. Het was goed dat we belden, want ik heb gelukkig een hele goede ervaring met de GGZ. Hij was blij verrast dat te horen.

Mijn psychiater en psycholoog zijn heel open-minded en mensgericht. Het lijkt erop dat de GGZ aan het veranderen is. Er is volgens mij een paradigma shift gaande. De mens en (onverwerkt) trauma komen meer centraal te staan. Dat is althans mijn ervaring en ik zie het ook meer in de media. Denk bijvoorbeeld aan een tv-programma als Geraldine en de vrouwen en het werk van hoogleraar Innovatie in de GGZ: Floortje Scheepers.

Zo kan het ook

Mijn psychiater staat natuurlijk open voor medicatie gebruik, maar heeft altijd aangegeven dat ze mij niet méér medicatie wilde geven en dat ze niet te lang medicatie wilde geven.

Toen ik het vorige zomer zo zwaar had, baalde ik daar vreselijk van. Ik wilde gewoon meer pillen om de pijn te doven! Maar gelukkig kreeg ik die niet en kon ik daardoor echt met mijn trauma aan de slag. Ik ben toen pas het seksueel misbruik uit mijn kindertijd gaan verwerken.

Ook stond mijn psychiater positief tegenover het afbouwen van mijn lithium. Ik voelde me echt gehoord en begrepen. Ze gaf me de ruimte om mijn verhaal te doen.

Ik denk dat mijn psychiater medicatie meer ziet als tijdelijke ondersteuning. Zoiets als lopen met krukken. Wanneer je je been breekt, moet lopen met krukken. Maar zodra je been beter wordt en het revalideren beter gaat, ga je stoppen met lopen met krukken.

Levenslang met krukken lopen is zelden nodig bij goeie revalidatie/ therapie. Zo zou het met medicatie ook moeten zijn denk ik. Zeker bij zulke (voor het lichaam) zware medicatie als lithium. Al zullen er vast mensen zijn die wel levenslang medicatie nodig hebben. Als er maar regelmatig goed naar de mens gekeken en geluisterd wordt.

Naast een andere kijk op medicatie en het afbouwen daarvan, heeft mijn psychiater ook een bredere blik als het gaat om trauma in combinatie met psychische aandoeningen.

Ik denk inmiddels na alle verhalen die ik heb gehoord en de boeken die ik heb gelezen over trauma: misschien zijn veel psychische aandoeningen wel symptomen van onverwerkt trauma?! Net zoals ik geen bipolaire 2 stoornis had, maar leed onder mijn onverwerkte trauma. Dat zal natuurlijk niet voor iedereen gelden, maar het is wél iets om op te letten.

Onverwerkt trauma

Ik heb vier jaar geleden bij de GGZ aangeklopt voor hulp, maar ik heb nooit over mijn trauma gepraat. Dat ik toen dus niet al de diagnose PTSS kreeg kan ik hun echt niet kwalijk nemen. Ik paste het beste in het bipolaire 2 stoornis hokje. Door die diagnose kon ik in therapie en werd dit vergoed door mijn zorgverzekering. Daarom ben ik blij dat ik destijds dat label kreeg.

In september 2020 was ik er pas klaar voor om te vertellen dat ik op 5-jarige leeftijd seksueel misbruikt ben door mijn zwemleraar. Pas toen realiseerde ik me hoe dit onverwerkte trauma mijn leven ontwrichtte.

Mijn psycholoog gaf me alle veiligheid en ruimte om erover te praten. Daar ben ik haar nog steeds dankbaar voor.

Toen ik aangaf dat ik naar aanleiding van het RTL programma Geraldine en de vrouwen me wilde aanmelden voor de behandeling bij PSYTREC heeft ze me daar enorm in gesteund. Geweldig! Ik gun iedereen zo’n fijne psycholoog/ behandelaar.

Het label eraf halen

Van de week had ik een afsluitend gesprek en evaluatie met mijn psychiater. Dat was zo’n fijn gesprek! Ze luisterde echt naar me, was begripvol en meedenkend.

Het allerbeste nieuws: mijn diagnose bipolaire 2 stoornis gaat er binnenkort officieel af! Ze ziet dat ik daar echt niet (meer) in pas. Door alles wat ze nu weet, kan ze haar beeld bijstellen. En dat doet ze dus ook! Niet star vasthouden aan overtuigingen, maar open blijven kijken en meebewegen met dat wat zich aandient. Was iedere psychiater maar zo!

Ze zei dat ik haar door mijn verhaal weer echt aan het denken heb gezet over de invloed van (onverwerkt) trauma op mensen. En ze gaf aan dat ze zéker bij mensen met een bipolaire 2 stoornis weer nog beter gaat letten op eventueel onderliggend trauma. Ze was zich daar al wel van bewust, maar nu extra. Hoe fijn is dat?!

Van oud naar nieuw

Joost was blij met mijn verhaal. Het kán dus anders en dat gebeurt ook al. Zoals bij mijn GGZ. Er is nog een lange weg te gaan. Maar het begin is er!

Ik heb het héél erg getroffen met mijn GGZ en mijn psychiater en psycholoog. Ik hoop dat meer hulpverleners de mens in plaats van de DSM5 diagnoses centraal gaan zetten. Dat iedere psychiater en psycholoog (méér) gaat leren over onverwerkte trauma’s en de impact daarvan op iemands leven en op zijn of haar fysieke en mentale gezondheid. Dat er standaard herdiagnostiek binnen de GGZ plaats gaat vinden.

Ik hoop dat er echt een paradigma verschuiving komt. Het is zo hard nodig!

Change is coming!

It didn’t start with you door Mark Wolynn

Ik ben veel aan het lezen over seksueel misbruik en de gevolgen van seksueel misbruik. Ik lees ook veel over de gevolgen van familietrauma’s sinds ik meer weet over wat er in mijn familie is gebeurd.

Via een gesponsord bericht op Instagram (tóch wel handig die cookies!) kwam ik bij het boek van Mark Wolynn: “It didn’t start with you. How Inherited Family Trauma Shapes Who We are and How to End the Cycle.” Superinteressant!

(Ik luister het boek trouwens via een gratis proefabonnement op Audible, via die gesponsorde advertentie.)

Het boek gaat niet over seksueel misbruik. Het wordt zelfs nergens genoemd, vreemd genoeg. Het gaat over trauma in het algemeen en over hoe dat wordt doorgegeven. Ik vind het fascinerend (en confronterend en heftig!) hoe trauma’s onbewust op cel en dna niveau worden doorgegeven.

Ik zat in de buik van mijn oma

We zijn allemaal zo verbonden. Bijvoorbeeld: vrouwen hebben niet alleen in de buik van hun moeder gezeten, maar óók in die van hun oma! Wist jij dat? Ik niet!

Ik heb het even opgezocht en het klopt:
“Al tijdens de zwangerschap worden bij de vrouwelijke foetus alle eicellen gemaakt voor haar hele leven. Als de foetus zo ongeveer 6 maanden oud is bevatten de eierstokken ( je hebt 2 eierstokken, 1 rechts en 1 links van je baarmoeder) zo’n 6 tot 7 miljoen eicellen.” Wonderlijk toch?!

De schrijver Mark Wolynn vertelt dat we dus letterlijk fysiek imprinted zijn met de trauma’s van onze moeders, oma’s en overgrootoma’s enzovoort. Zelfs het sperma van de vader is imprinted als er in zijn familie onverwerkte trauma’s zijn. Deze trauma’s worden dus altijd doorgegeven!

Dat vond ik heel interessant. Zo vóelt het voor mij namelijk ook en eindelijk snap ik waaróm. Ik heb altijd “een olifant in de kamer” gevoeld bij mijn familie en had last van onderlinge spanningen. Nu snap ik veel beter hoe dat kan.

(Vreselijke) onderzoeken bij muizen

In (vind ik vreselijke) onderzoeken bij muizen traumatiseerden ze bepaalde muizen en ontdekten ze dat de trauma response (onder andere bijbehorende veranderde stresslevels) in muizen tot wel drie generaties verder in de famillie nog steeds werden aangetroffen.

Bij muizen die dus zelf géén trauma hadden meegemaakt, maar wél aantoonbaar schade hadden opgelopen door het onverwerkte trauma van hun (voor)ouders. De schade was zelfs terug te vinden in het sperma van de muizen!

Afgezien van het feit dat ik dit afschuwelijk wrede onderzoeken vind, vind ik het wél heel interessant. Muizen zijn geen mensen, maar ik kan me voorstellen dat het bij mensen precies zo werkt.

Mark zegt dat er nog te weinig onderzoek is gedaan bij familie van mensen waar PTSS/ onverwerkte trauma’s heerst om duidelijke conclusies te trekken.

Je leert natuurlijk ook van je ouders. Je kijkt naar ze, doet ze (onbewust) na en neemt onbewust van alles over en geeft dat weer door aan je eigen kinderen. Maar trauma werkt dus niet alleen door door gedrag, maar slaat zich dus óók op in je cellen en je DNA. Ik heb hier vroeger al wel eens over gelezen in het werk van Bruce Lipton, maar ik kan het nu ineens in een context plaatsen.

“It didn’t start with you” is een fascinerend boek. Heftig ook. En confronterend. Ik ben nog bezig met lezen, maar Mark Wolynn komt gelukkig ook met manieren om de familie trauma verspreiding te doorbreken. En dat is mijn wens! Ik wil dat het stopt, want ik heb twee dochters en die wil ik hier niet mee opzadelen nu ik weet dat ik het kan doorbreken.

Ik denk dat ik al heel veel goed werk heb verzet door mijn behandeling bij PSYTREC en al het huiswerk dat ik doe. Maar ik voel dat er nog meer opgeruimd en verwerkt moet worden. Daar ga ik voor!

Ps. Ik heb contact opgenomen met Mark Wolynn, omdat me opviel dat hij nog nergens in het boek seksueel misbruik had genoemd als trauma. Hij noemt onder andere trauma’s als een oorlog meemaken, vroegtijdig overlijden en ander verlies van dierbaren, maar hij noemt nergens expliciet seksueel misbruik.

Seksueel misbruik is mijn inziens een groot trauma dus ik vroeg hem waarom hij dat niet noemt in zijn boek. Hij reageerde, super attent, met:

“Sexual abuse is definitely a huge trauma, as big as the others I mentioned, and very multi-layered. The reason I didn’t address it in the book is that it would have taken several chapters to highlight the underlying and ensuing dynamics. I plan to address it in my next book.”

Ik ben dus benieuwd naar zijn nieuwe boek!

De resultaten van mijn PSYTREC behandeling

Mijn behandeling bij PSYTREC is nu precies een maand geleden. Een mooi moment om de resultaten tot nu toe op te schrijven.

Ik had nooit durven dromen dat mijn behandeling zóveel positieve veranderingen met zich mee zou brengen. Ik had natuurlijk al heel veel voorwerk gedaan, maar die behandeling heeft al het verschil gemaakt.

♡ Geen herbelevingen meer

Het allerbelangrijkste is dat de behandeling mij heeft laten voelen en ervaren dat ik veilig ben in het hier en nu en dat ik mijn trauma en het leven aan kan. Omdat ik geen herbelevingen meer heb, ervaar ik dat het trauma iets is van toen en niet meer van nu. Daardoor gedraag ik me nu niet meer alsof ik nog onveilig ben. Mijn stress systeem is door PSYTREC ge-reset en ik heb tools gekregen om om te gaan met stress.

Een mooi voorbeeld is de eerste avond na mijn behandeling. Robin en de kinderen sliepen bij mijn schoonouders. Ik was die nacht dus alleen thuis. Voor het eerst sinds het trauma kon ik gewoon naar bed gaan!

De monsters onder het bed

Vroeger, als ik alleen sliep of alleen met de kinderen was, dan checkte ik voordat ik ging slapen de sloten wel tien keer. Zat alles écht goed dicht?! Daarna keek ik in alle kasten, onder alle bedden of er niet een man verstopt zat.

Ja ik weet het, hoe bizar, dat je als volwassen vrouw in kasten en onder bedden gaat kijken of er niet iemand zit… Maar me onveilig voelen was voor mij zo normaal dat ik niet eens doorhad hoe abnormaal mijn gedrag was. Al is het overigens voor iemand met PTSS wél normaal/ logisch gedrag!

Ik liet altijd een lampje aan, legde een wapenstok naast mijn bed en liet mijn oordoppen uit. Als Robin thuis was, sliep ik wel altijd met oordoppen, zodat ik niet van ieder geluidje (van de kinderen) wakker zou schrikken. Als ik alleen sliep, liet ik mijn oordoppen altijd uit, zodat ik alerter kon blijven op geluiden. Veiligheidsgedrag dus eigenlijk.

Eindelijk gewoon slápen!

De eerste nacht na mijn tweedaagse behandeling deed ik de deuren op slot, liep zonder extra controleren naar boven, maakte me klaar om naar bed te gaan, deed de lichten uit, oordoppen in en viel (zonder in een foetushouding te kruipen!) gewoon in slaap!

Ik heb de hele nacht probleemloos doorgeslapen! Niet wakker geschrokken, geen nare dromen. Ik kon het haast niet geloven! Het was zo gek om te beseffen dat ik het oude veiligheidsgedrag niet meer nodig had.

Sinds mijn behandeling slaap ik veel dieper. Ik hoef dus geen oordoppen meer in om diep te slapen. Ik schrik niet meer van ieder geluidje wakker en check niet meer of “de kust veilig is”. Wat een verademing! De wapenstok ligt niet meer naast het bed, maar opgeruimd in de kast. Nachtmerries heb ik niet meer gehad.

♡ Niet meer hyperalert zijn

Sinds de behandeling ben ik niet meer hyperalert. Ik scan niet meer de omgeving of de mensen. Ik hoef niemand meer aan te kijken om te zien of iemand te vertrouwen is. Ik hoef niet meer iedereen gedag te zeggen om te laten zien dat ik aardig ben en dat ze me geen kwaad hoeven te doen. Ik mág mensen nog wel aankijken of gedag zeggen als ik dat wíl, maar het hoeft niet meer. Het gevoel van moeten is eraf. Wow, wat een bevrijding!

Omdat ik niet meer hyperalert ben, en mijn angstbrein/ alarmsysteem dus niet meer constant overbodig staat te loeien, raak ik nog maar zelden overprikkeld. Terwijl ik voorheen dagelijks overprikkeld raakte. Dat was mega vermoeiend. Ik heb nu dus ook meer energie! Er is een groot energielek gedicht.

Natuurlijk raak ik nog wel eens overweldigd, maar dat is meestal als er nog iets ouds geraakt wordt. Ik herken dan dat het iets ouds is, doorvoel het en herinner mezelf dat ik nu mezelf ben en in het hier en nu veilig ben. En dan zakt het oude gevoel weg.

♡ Niet meer hoeven vermijden

Ik merk ook heel sterk dat ik niet meer hoef te vermijden. Door de behandeling ontdekte ik hoeveel ik vermeed om mezelf veiligheid te bieden. Nu doe ik dingen, die ik héél lang niet meer durfde. Zoals solliciteren! Er kwam een hele leuke functie voorbij en ik dacht: ik probeer het gewoon! Het was een supertoffe ervaring, ze waren heel enthousiast en ik mag binnenkort op gesprek komen. Wat er ook uitkomt, het was in ieder geval echt goed voor mijn zelfbeeld!

Ik durf nu bijvoorbeeld ook gewoon met de luxaflex open op de bank te zitten of yoga te doen. Ik heb niet meer de angst dat iedereen naar me kijkt, dat ze me willen pakken. Ik durf nu veilig in het zicht te zitten en heb niet meer steeds de behoefte me (in hoekjes) terug te trekken. Ik durf weer dingen te posten op social media, gewoon wanneer ik er zin in heb. Een paar “simpele” voorbeelden, maar voor mij zo’n groot verschil!

♡ Verbetering in mijn gedrag en cognities

Mijn hoofd is door de behandeling opgehelderd. Ik kan nu uitzoomen, relativeren, afstand nemen in plaats van in fight, flight en freeze reacties te zitten.

Ik ben ook héél blij dat ik geen suïcidale gedachtes meer heb. Voor mij was denken aan de dood iets wat ik regelmatig deed. Ik zag het als enige uitweg om aan de chaos en pijn in mijn hoofd en lijf te ontsnappen en rust te vinden. Door PSYTREC heb ik eindelijk rust gevonden in het hier en nu.

Ik ben dus rustiger en stabieler geworden in mijn hoofd en in mijn gedrag. Ik bereidde mezelf altijd overdreven goed voor, was overal veel te vroeg. Ik vond álles even belangrijk. Alles was urgent. Nu kan ik veel beter hoofd- en bijzaken van elkaar onderscheiden. Ik kan nu ook beter mijn grenzen voelen en aangeven en voelen wat ik nodig heb. Ik heb daardoor niet meer zo’n haast en ben geduldiger geworden. Dat geeft rust!

Prefrontale cortex ipv amygdala

PSYTREC noemt dat: de langzame weg. Voorheen stond mijn amygdala overuren te draaien. Door het onverwerkte trauma gingen constant de alarmbellen in mijn hoofd af en ging alles via de snelle route: de amygdala. En dat is nou net niet het nadenkende deel van het brein, maar het fight, flight, freeze of faint stuk van het brein.

De behandeling bij PSYTREC heeft mijn amygdala gekalmeerd en mijn prefrontale cortex geactiveerd en wow dat voelt zo anders! Eindelijk grond onder mijn voeten.

Het voelt anders dan het fundament dat ik tijdelijk voelde door de medicatie in dat kleine jaar dat de lithium leek aan te slaan. Dat bleek, voor mij, een brokkelig fundament. Terwijl ik door PSYTREC nu een stevig fundament voel. Diep geworteld.

Ook is mijn korte lontje weg, waardoor ik niet meer overprikkeld en snel geïrriteerd ben. De angst en paniek ontwrichten mijn leven niet meer. Natuurlijk ervaar ik nog emoties als angst, boosheid en verdriet, maar die emoties zijn nu veel beter gedoseerd en gereguleerd. Dat probeerde ik voorheen ook, maar het lúkte nooit.

Door de behandeling lijkt het alsof ik ineens een volumeknop in mijn hersenen heb. Ik kan de boel regelen en afstemmen. Voorheen was het alleen een ‘aan en uit’ knop. Nu voel ik meer controle zonder dat ik me als paniekerige controlefreak hoef te gedragen. Mijn lijf voel ik veel meer, omdat het nu niet meer eng is om in mijn lijf te zijn. Het voelt zachter, warmer, ronder in mijn lijf.

♡ Ik voel me veilig en kan het leven aan

Er zijn nog veel meer voorbeelden van wat de behandeling voor mij heeft betekend, maar ik denk dat dit de belangrijkste zijn. Er komen er vast nog meer op. Het is pas een maand geleden.

De allergrootste winst is dat ik eindelijk voel en ervaar: Ik ben veilig en ik kan het leven aan.

Ik word niet meer overspoeld door angst, schaamte, schuld, walging en paniek. Ja, ik kan die gevoelens natuurlijk nog wel eens voelen. Maar ik kan ze nu eindelijk plaatsen en weet dat het getriggerd wordt door iets ouds. Ik erken dat ik slachtoffer ben geworden van seksueel misbruik en dat het mij heeft beschadigd. Ik ben daarvan aan het herstellen. Ik hoef niks meer weg te drukken. Het misbruik en de schade daarvan bepalen mijn leven niet meer.

Roer in eigen handen goed voor zelfbeeld

Door mijn behandeling bij PSYTREC heb ik het roer weer in eigen handen gekregen. Eindelijk bepaal ik zélf mijn leven en niet hij en de schade die hij heeft aangericht.

Mijn zelfbeeld is enorm veranderd door de behandeling en dat verandert mijn leven. Ik heb het al zovaak gezegd, maar PSYTREC heeft me echt bevrijd. Ik verheug me op mijn toekomst!

De olifant in de kamer

Er is een moment in mijn leven geweest dat er ineens een grote, vieze olifant mijn kamer in denderde. Ik had het totaal niet verwacht. Ik schrok me dood.

Het ergste was nog: nadat de olifant mij bijna dood liet schrikken, viel híj middenin mijn kamer dood neer. En liet me vervolgens achter met zijn lijk.

De dode olifant

Daar zat ik dan. Als meisje van vijf. Met een dode olifant. In mijn kamer. Of beter gezegd: in mijn bovenkamer. In mijn binnenwereld. Ik voelde meteen: niemand mag die olifant ooit te zien krijgen. Die olifant mag nooit benoemd worden. Nooit! Het was vast mijn eigen schuld dat hij daar lag. Dus ik moest het zelf oplossen.

Ik voelde de schaamte, schuldgevoelens en walging die de olifant met zich mee had gebracht. Het was verwarrend, beangstigend en vies.

Het verstoppen van de olifant

Ik kreeg de olifant niet in mijn eentje weg uit mijn bovenkamer. Om hulp durfde ik niet te vragen. Dus het werd mijn geheim. Ik liet hem onderstoffen en dekte hem zorgvuldig af met vrolijke kleedjes, zodat nooit duidelijk zou worden dat er eigenlijk een dode olifant onder lag.

Die berg met vrolijke kleedjes middenin mijn kamer lag daar natuurlijk heel erg in de weg. Dus ik moest mij sinds de dag dat de olifant in mijn kamer dood neer viel iedere dag om zijn lijk heen manoeuvreren.

Een aanslag door een olifant

De olifant nam veel ruimte in beslag. Hij deed een aanslag op mijn vrijheid en mijn gevoel van veiligheid.

Zolang ik bleef doen alsof ik dat niet erg vond en vermeed om ernaar te kijken, aan te denken en over te praten, was het best te doen. Ik “vergat” zelf wat er precies onder die kleedjes verstopt lag. Maar ja, hij lag er wel en dat ik bleef ik voelen…

Hoe langer hij daar lag en hoe groter en ouder ik werd hoe moeilijker het werd om om de olifant heen te bewegen en hem te negeren.

De olifant in de kamer benoemen

Daar kwam ook nog bij: hoe langer ik de olifant negeerde, hoe meer hij ging rotten en stinken. Tot ik het niet meer kon vermijden.

Andere mensen begon ook op te vallen dat er iets in mijn kamer lag wat er niet hoorde. Dat er iets niet klopte.

Leven met de olifant in mijn kamer was op een gegeven moment niet meer te doen. Ik hield het niet meer vol. Er móest iets veranderen.

Laagje voor laagje begon ik de olifant bloot moet leggen. De kleedjes eraf te halen om te kijken wat er precies onder lag. Ik vroeg eindelijk om hulp en begon erover te praten. Want ik had hulp nodig om de dode olifant bloot te leggen en uiteindelijk uit mijn kamer weg te halen. Alleen kon en durfde ik het absoluut niet aan.

De olifant: het trauma

Sommige mensen leken al te weten dat ik een olifant in mijn kamer had. Of ze dat bewust hadden aangevoeld, weet ik niet. Misschien hadden ze zelf ook een dode olifant in hun bovenkamer liggen. Je herkent denk ik alleen iets bij een ander als je het in jezelf herkent? Voor sommige mensen was het een grote shock.

Wat het in ieder geval in eerste instantie was voor mezelf en vele anderen was, was doodeng en zwaar ongemakkelijk.

De olifant in de kamer is natuurlijk een metafoor voor mijn trauma. Mijn trauma is het onverwerkte seksueel misbruik dat ik op mijn vijfde meemaakte met mijn zwemleraar. Mijn geheim dat ik met niemand durfde delen. Ook omdat ik er geen woorden voor had.

In een onbewaakt moment kwam hij, de dader, als een olifant via de porseleinkast mijn kamer in. En daar is hij járen gebleven. Hij bepaalde voor een groot deel mijn leven. Hij ontwrichtte mijn leven. Zonder dat ik precies door had dat híj het was. Ik dacht dat ik het zélf deed.

Tot het moment dat ik hem ontmaskerde en erkende dat HIJ degene was die mijn leven ontwrichtte.

Verwerken en herstellen

Sinds het moment dat ik het doorzag, kwam er verandering. Ik hoefde niet meer bang te zijn en me niet meer te schamen. De dode olifant maakte plaats voor een krachtige, brullende leeuw.

Verwerken en vermijden gaan niet samen. De olifant in de kamer moest benoemd en erkend worden. Het geheim moest verteld. De schaamte, schuld en walging moesten terug van mij naar hem. Ik moest mezelf weer vinden als referentiepunt.

Het is work in progress. Mijn binnenwereld is nu eindelijk net zo mooi aan het worden als mijn buitenwereld. Wat een ruimte, rust en veiligheid is er ontstaan nu die olifant weg is uit mijn kamer.

“Stap af van de labels”

Interview Trouw met Floortje Scheepers

‘Mensen zijn ingewikkeld, dus stap af van de labels in de GGZ’

Beeld Fadi Nadrous

De psychiatrie probeert patiënten te vangen in categorieën en labels. Maar daarvoor is de mens te ingewikkeld, betoogt hoogleraar Floortje Scheepers. 23 januari 2021, 14:53

Mensen zijn ingewikkeld is de titel van het debuut van Floortje Scheepers, hoogleraar Innovatie in de GGZ aan UMC Utrecht. Een bijzonder boek, waarin ze wetenschappers en ervaringsdeskundigen vraagt om te reflecteren op de thema’s die ze in de zeven hoofdstukken aansnijdt.

Rode draad in haar betoog: erken dat je psychische klachten niet kunt vatten in classificaties en protocollen, want je verkoopt illusoire kennis. Kijk bijvoorbeeld naar de wachtlijsten in de GGZ: die zijn er niet korter door geworden. Als al die modellen en richtlijnen écht zouden werken, zouden niet zoveel kinderen en volwassenen blijven ronddolen van de ene hulpverlener naar de andere, met steeds weer een nieuw psychisch label, en zonder goede hulp te krijgen.

‘Helder begrip van mentale ontregeling is simpelweg niet mogelijk’, schrijft Scheepers. ‘Mensen zijn ingewikkeld, en we kunnen beter accepteren dat niet-begrijpen altijd onderdeel van onze wereld en ons mensbeeld zal zijn.’

U schrijft dat op de eerste pagina. Er ligt dan nog een heel boek voor je. De lezer gaat dan toch een beetje moedeloos op weg.

“Het is ook erg ingewikkeld, en dat is geen prettige boodschap. Maar dialoog is de uitweg: als we in gesprek komen en elkaar in die complexiteit proberen te vinden, dan ga je samen oplossingen zien. Geen allesomvattende oplossingen die een nieuw model zijn voor de psychiatrie, maar heel kleine stapjes. En die zijn veel belangrijker. Een alles oplossend model bestaat eenvoudigweg niet, hoe graag we dat ook willen. We leven in een maatschappij waarin het gaat om output, om oorzaken en gevolgen, om resultaten. We moeten dat ombuigen naar een manier van denken en werken die gaat om het proces, om de weg ernaartoe. Dat proces gaan we voor een groot deel aan in onwetendheid. Dat is moeilijk, maar laten we met elkaar verdragen dat het eindpunt niet bekend is, maar dat we er wel kunnen komen.”

U heeft het in uw boek niet over bepaalde stoornissen of aandoeningen, maar over psychische of mentale ‘ontregeling’. Waarom gebruikt u die term?

“Ontwikkelingsstoornissen zoals ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder, red.) en ASS (Autisme Spectrum Stoornis, red.) gaan vooral over aanleg en eigenschappen. Die zie ik als variaties op het type mens. Je hebt sociaal heel onhandige mensen en je hebt supersociale mensen. Je hebt heel gefocuste mensen, en je hebt mensen die constant afgeleid zijn. Als je uitgaat van een statistische verdeling van eigenschappen, kun je bedenken dat de mensen aan de uitersten van het spectrum het zwaar hebben. Zij hebben soms extra begeleiding en ondersteuning nodig.

Floortje ScheepersBeeld Universiteit Utrecht

“Daarnaast heb je de grote psychiatrische beelden zoals psychose, depressie en angst. Dat vind ik echt ontregelingen. Mensen hebben meer of minder aanleg om te ontregelen, maar er zijn ook triggers nodig om die ontregeling tot stand te brengen. Ontregeling is altijd het resultaat van complexe interacties met de buitenwereld. Door die ontregeling een stoornis te noemen, individualiseer je het probleem. Je maakt één persoon tot probleemeigenaar, terwijl die persoon ontredderd en ontregeld is in de context waarin hij leeft.”

U bent geen fan van het toekennen van psychiatrische labels. Maar er zijn mensen voor wie zo’n label het bewijs is dat er echt iets met ze aan de hand is. Ook voor hun omgeving.

“Wij hebben hier een mevrouw gehad die per se de diagnose ASS wilde hebben. Mijn collega-psychiater heeft in alle zorgvuldigheid met haar besproken dat ze toch echt niet dacht dat het ASS was, maar dat er andere dingen in haar leven waren waarmee ze aan de slag zou kunnen. Die mevrouw is woedend vertrokken en heeft een week later bij een andere instelling wel de diagnose ASS gekregen.

“Het is toch vreselijk dat mensen zich alleen erkend of serieus genomen voelen als ze een label aan hun klachten kunnen hangen? Als we een inclusieve samenleving willen, zouden we niet-begrijpen moeten kunnen verdragen, en erkennen dat kwetsbaarheid en onzekerheid onlosmakelijk onderdeel uitmaken van wie we zijn.”

Beeld Fadi Nadrous

Uit de casussen die u in uw boek opvoert, wordt duidelijk dat hulpverleners klachten inventariseren, maar vaak niet de vraag stellen naar de verhalen erachter.

“Dat doen hulpverleners vooral niet omdat de DSM (het handboek voor de psychiatrie, red.) de afgelopen decennia zo dominant is geweest in de organisatie van zorg, de financiering, de protocollen… alles. Sommigen zeggen: ‘De DSM is niet meer dan een classificatiesysteem, we hebben de beschrijvende diagnose, we kijken echt wel breder dan dat, we vragen altijd naar de sociale omstandigheden’. Maar de eindconclusie is toch meestal welke classificatie het meest passend is, welke richtlijn daarbij hoort en welke polikliniek de juiste plek is. De afgelopen dertig, veertig jaar is daar steeds meer op gestuurd. Dat heeft ertoe geleid dat veel professionals bang zijn om het anders te doen. Het is heel treurig dat er door die dominantie van de DSM geen tijd en ruimte meer is om te kijken wie de mens is die voor je zit.

“Ik probeer mijn studenten uit te leggen dat een computer veel beter dan zijzelf lijstjes kan afvinken en scores kan vaststellen om te bepalen of iemand wel of niet aan een zogenoemde stoornis lijdt. Hulpverleners zijn er voor het goede gesprek. Richtlijnen zijn gebaseerd op normgroepen, en een individuele patiënt wijkt daar altijd van af. Hulpverleners zijn er om te kijken hoe groot de afwijking van die norm is, en wat voor deze persoon belangrijk is en betekenis heeft.”

Als instellingen en hulpverleners met dat hele systeem breken, betalen de zorgverzekeraars de behandelingen niet. Want hun codes voor diagnose en behandeling zijn aan die DSM-classificaties gekoppeld.

“Sinds de decentralisatie van de jeugdzorg naar de gemeenten in 2015 is dat voor de jeugdzorg niet meer het geval. In de volwassenenpsychiatrie is dat nog wel zo. Maar je kunt prima met een patiënt bespreken dat die classificatie nodig is om de behandeling betaald te krijgen. Dan zeg je: uw hoofdklacht lijkt somberheid te zijn, dat zet ik op het formulier, maar ik wil met u het gesprek aan over wat u nodig heeft en wat u belangrijk vindt in uw leven.”

Wie is Floortje Scheepers?

Floortje Scheepers (1969) is in Utrecht opgeleid als kinder- en jeugdpsychiater. Ze promoveerde in 2005 op de effecten van antipsychotica in de hersenen van patiënten met schizofrenie. Daarna werkte ze tot 2010 in het Radboudumc. Ze keerde in 2010 terug naar het UMC Utrecht, waar ze in 2017 werd benoemd tot hoogleraar Innovatie in de GGZ en hoofd werd van de afdeling psychiatrie.

Daar moet de betreffende instelling dan ook op ingericht zijn. Die moet vraaggericht werken in plaats van aanbodgericht, zoals nu meestal gebeurt.

“Dat is waar. Ik bezocht laatst een instelling waar hulpverleners verplicht zijn om na de intake de patiënt toe te wijzen aan een bepaald zorgprogramma dat verbonden is met een specifieke classificatie. Bijvoorbeeld het zorgprogramma angst, het zorgprogramma autisme, enzovoorts. De patiënt moet vervolgens het protocol van dat zorgprogramma volgen. 

“Maar als mensen iets anders nodig hebben, dan moet je daar toch mee aan de slag! Je kunt patiënten in een bepaald keurslijf willen duwen, maar het past bijna nooit. Elke patiënt is een unieke patiënt.”

Terwijl iedereen de mond vol heeft van precisiepsychiatrie en gepersonaliseerde zorg.

“En van: de patiënt centraal. Alsof je in de supermarkt komt om ingrediënten voor je pastamaaltijd te halen, en er dan wordt gezegd: hoho, wacht even, we hebben uw profiel gescand, u moet naar de rijst. Het zijn vaak mooie woorden in beleidsstukken, maar in de uitvoering komt er nog weinig van terecht.”

Intussen ontwikkelen hulpverleners allerlei alternatieven voor de door u bekritiseerde aanpak. Maar dat is allemaal kleinschalig. Wat is er nodig om die GGZ-mammoettanker van koers te laten veranderen?

“Het is inmiddels mogelijk om over een andere visie en aanpak te publiceren in goede wetenschappelijke tijdschriften. Dat was tien jaar geleden ondenkbaar. En kleine initiatieven zijn inspirerend en motiverend voor anderen. Uiteindelijk zullen we ook de samenleving in deze andere manier van denken moeten meenemen. Want nog veel te veel mensen kloppen bij de GGZ aan voor een label of pasklare oplossing.”

U bekritiseert ook de opvatting dat afwijkende hersenstructuren en genetische kenmerken de oorzaak zijn van psychiatrische stoornissen.

“Zulke verklaringen zijn te reductionistisch. Ik vind het interessant om te weten hoe een neuron in elkaar zit en hoe een gen tot een bepaald eiwit kan leiden. Maar de koppeling met een psychiatrisch fenotype (iemands waarneembare kenmerken, red.) dat we nog maar zó slecht begrijpen en dat zó ontzettend complex in elkaar zit, kunnen we nog lang niet maken.

“Ga door met biologisch onderzoek, maar suggereer niet dat je daarmee de mens begrijpt. Want dan vlieg je echt uit de bocht. Neurowetenschappers moeten bescheiden zijn over de impact van dat minuscule puzzelstukje op het grote, complexe geheel. Die bescheidenheid ontbreekt te vaak. Er verschijnen veel boeken over het brein die zeggen gedrag te verklaren en die volledig voorbijgaan aan de complexiteit van dat gedrag. Ze creëren valse verwachtingen.”

Floortje Scheepers, Mensen zijn ingewikkeld. Een pleidooi voor de acceptatie van de werkelijkheid en het loslaten van het modeldenken, uitg. De Arbeiderspers, 240 blz., € 21,99.

Hoe innoveert Floortje Scheepers zelf?

Scheepers wil van de GGZ een netwerkorganisatie maken waarin hulpverleners gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor patiënten, en samen met hen en hun omgeving werken aan hun herstel. Ze richt zich op verschillende projecten:

* De Netwerk Intake. Een gespreksvorm die de afdeling psychiatrie van het UMC Utrecht heeft ontwikkeld waarbij vanuit verschillende perspectieven naar problemen wordt gekeken. Doel van deze ‘herstelondersteunende probleemanalyse’ is zorg bieden die past bij de behoeften van een patiënt en die eraan bijdraagt dat diens leven weer in balans komt.

* PsyNet. Digitaal ondersteunde netwerkzorg waar patiënt, mantelzorgers en hulpverleners samen de gewenste zorg bepalen en vorm geven.

* PsyData. In de zorg worden ongelofelijk veel gegevens geproduceerd die veel beter benut kunnen worden dan nu het geval is. PsyData haalt de verborgen kennis uit die data naar boven. Door deze kennis te combineren met de kennis van hulpverleners en de ervaringen van patiënten, is een ‘blended psychiatrie’ mogelijk, zoals Scheepers het noemt; een psychiatrie de meer recht doet aan de dynamische werkelijkheid van patiënten dan het op symptomen gebaseerde DSM-classificatiesysteem dat nu de standaard is.

* De Verhalenbank. Deze bank bevat verhalen van patiënten, mantelzorgers en hulpverleners die worden geanalyseerd op thema’s die kunnen bijdragen aan goede zorg. In haar boek ‘Mensen zijn ingewikkeld’ heeft Scheepers korte, geanonimiseerde citaten uit enkele verhalen opgenomen.

Behandeling bij PSYTREC

Met groot succes heb ik mijn PTSS behandeling bij PsychoTrauma Expertise Centrum PSYTREC afgerond! Na een paar héle lange, intensieve, heftige, zware en bijzondere dagen ben ik van mijn herbelevingen af en word ik niet meer overspoeld door angst, paniek, schaamte, schuldgevoel en walging! Ik voel eindelijk dat ik veilig ben en het leven aan kan. Ik heb mezelf gevonden.

Naar die verlossing en bevrijding heb ik 32 jaar verlangd. Ik ben zó blij en dankbaar dat ik door PSYTREC ben geholpen. Wat een helden werken daar! En ik ben ook trots op mezelf, want het was doodeng en ik heb het tóch gedaan! Ik ben nu officieel PTSS vrij. Mijn KIP score is van 41 naar 3 gegaan! En het belangrijkste: zo vóelt het ook!

In goede handen

Ik denk dat ik nooit had kunnen bereiken wat ik nu bereikt heb als ik me niet volledig had durven overgeven aan (de mensen van) PSYTREC. Vanaf het eerste moment voelde ik dat ik bij de mensen van PSYTREC in goede handen zou zijn. Zij zouden mijn trauma aankunnen en mij kunnen helpen om het aan te kunnen. Ik voelde me veilig.

Natuurlijk had ik al een hele hoop voorwerk gedaan, wat ontzettend heeft geholpen! Zoals de Imaginary Rescripting bij de GGZ, erover praten met mijn omgeving en de ademsessies bij Natalie. Toch denk ik dat ik voor het eerst echt al mijn angsten en herbelevingen helemaal durfde aan te gaan, omdat ik het volle vertrouwen had in de behandeling van PSYTREC en de behandelaren.

Mijn angst in de ogen kijken

Jarenlang probeerde ik van mijn trauma af te komen. Van de angst, de paniek en gevoelens van schaamte, schuld en walging en de depressies. Ik heb van alles geprobeerd, maar niks werkte écht. Ik weet nu waarom: ik durfde niet volledig naar de kern toe te gaan. Ik voelde me daar niet veilig genoeg voor. Bij PSYTREC wel. Daar heb ik eindelijk de juiste hulp gevonden en eindelijk was ik er klaar voor.

Bij PSYTREC moest ik voor het eerst iets doen wat ik nooit eerder heb gedurfd/ gekund. Voor de volle 100% mijn grootste angst aangaan: mijn vroegkinderlijk trauma, met álle details.

Op 5-jarige leeftijd ben ik seksueel misbruikt door mijn zwemleraar. Dit seksueel geweld was heel beangstigend en verwarrend voor me. Ik was ook nog zo jong. Ik heb het trauma geprobeerd zo goed mogelijk weg te stoppen. Bij PSYTREC ontdekte ik waaróm ik dit precies deed en waar ik precies bang voor was.

Waar ik al die tijd bang voor was

– Ik was doodsbang dat het weer zou gebeuren. Ik wilde geen zwakte tonen. Ik wilde “normaal” zijn, zodat ik nooit weer ten prooi zou vallen. Maar ik voelde me van binnen verre van normaal. Ik voelde zo’n slappeling en mislukkeling. Voorkomen dat het opnieuw zou gebeuren deed ik vooral door me veel beter voor te doen dan ik me voelde en me steeds te richten op anderen in plaats van op mezelf door te pleasen. Ik deed alles om de gevoelens die bij het trauma hoorden te vermijden en om anderen geen pijn te doen.

– Ik was doodsbang om gek te worden. Ik dacht dat ik het allemaal niet aan kon en als zwakste door de mand zou vallen. Het gevoel van alles onder controle moeten houden en de angst om ontmaskerd te worden, gaven me het gevoel gek te worden. Ik was zo bang dat ik dan zou worden opgenomen en iedereen kwijt zou raken. Dat ik dan helemaal alleen zou zijn. Of dat mijn dierbaren zouden blijven, maar dat ze het óók niet aan zouden kunnen en om zouden vallen. Dan zou ik mijn dierbaren pijn doen én dan zou mijn vangnet weg zijn.

– Ik was doodsbang dat ik een eind aan mijn leven zou maken. Door de angst (voor de herbelevingen), schaamte, schuldgevoelens en walging raakte ik vaak erg depressief. Als enige oplossing en uitweg zag ik dan zelfmoord. Ik wilde natuurlijk niet echt dood. De suïcidale gedachten waren een vlucht. Ik wilde niet voelen wat ik allemaal voelde. Mijn trauma aangaan was geen optie, dat zou ik niet aan kunnen. Dacht ik.

Ik kan het wél aan!

Bij de behandeling van PSYTREC heb ik erváren en doorvoeld dat ik het wel degelijk aan kan. Ik kreeg eindelijk de tools om te dealen met stress en moeilijke gevoelens. Door de combinatie van lange dagen met veel verschillende behandelaren en vol psycho-educatie, sport, bewegen, exposure en emdr ervaarde ik dat ik het wel aankan en dat alles waar ik bang voor was niet gebeurt.

PSYTREC heeft mijn angstbrein (amygdala) tot rust gebracht en mijn prefrontale cortex geactiveerd. Het voelt als een reset van mijn stress systeem, mijn zenuwstelsel.

Ja, de behandeling was doodeng, loodzwaar, intens verdrietig, heftig en noem maar op. Maar ik ervaarde keer op keer: ik ben nu veilig en ik kan het aan!

Jeetje wat was dát een openbaring en bevrijding! Het voelde alsof de wereld (op een positieve manier) op z’n kop stond. Of eigenlijk stond ík altijd op z’n kop en zette PSYTREC me weer rechtop. Ik was eerst in totale verwarring. “Wat gebéurt hier?!? Hoe kan dit?!?” Het was zó anders dan ik gewend was.

De opbouw van de behandeling

Het programma van PSYTREC vind ik heel goed opgebouwd. Dat maakt de behandeling zo succesvol denk ik. In de ochtend psycho-educatie over PTSS, sport, bewegen en exposure therapie. En dan in de middag/avond nog meer psycho-educatie, sport, bewegen en dan emdr therapie.

Per dag wordt er één trauma/ herbeleving behandeld. Ik had last van twee herbelevingen die thuis online in twee lange, intensieve dagen behandeld zijn.

Exposure therapie

’s Ochtends ging ik tot 100% van mijn angst in de exposure therapie. Daar heb ik dus tot in elk detail herhaaldelijk over de traumatische ervaring gepraat. In geuren en kleuren. Terwijl ik aan triggers blootgesteld werd. Vreselijk! Maar daarna zo’n opluchting!

Bij PSYTREC zijn ze van alles gewend. Ze horen de vreselijkste trauma’s. Ik durfde dus mijn schaamte voorbij bij deze professionals. Vermijdingsgedrag en veiligheidsgedrag werden onderschept. Met mijn exposureplan werkte ik eraan om mijn vermijdingsgedrag en veiligheidsgedrag te stoppen. En dus kon ik tot 100% van de angst komen en álles vertellen. Iets wat ik nog nooit eerder heb durven doen!

Ja, ik durfde bij alles wat ik vóór PSYTREC had gedaan wel tot 50, 60, 70, 80 of soms misschien 90% van mijn angst te gaan. Zoals bijvoorbeeld in mijn Imaginary Rescripting therapie bij mijn GGZ behandelaar. Nog nooit durfde ik tot de volle 100% van mijn angst te gaan. Ik dacht namelijk altijd dat ik dat niet aan zou kunnen. Terwijl dat nou juist precies hetgene was wat ik nodig had om mijn trauma te verwerken. Ik leerde dat verwerking en vermijding niet samen gaan.

EMDR therapie

In de middag/ avond ging ik met de emdr therapie mijn herbelevingen “omtoveren” in herinneringen. Ik schrijf omtoveren, omdat het zo voelde. Het voelde zo gek, zo anders dan ik gewend was. Het voelde als een herprogrammering. Ze brachten mijn amygdala tot rust, waardoor mijn zenuwstelsel tot rust kwam en mijn constante automatische fight, flight en freeze reacties zijn gestopt.

Na de emdr sessies kon ik rustig en zonder angst, zonder schaamte, schuld en walging kijken naar de plaatjes. Want de herbelevingen waren niet meer levensecht. Het waren plaatjes. Waar ik van een afstand rustig naar kon kijken. Vanuit mijn nadenkende prefrontale cortex brein in plaats vanuit mijn angstbrein/ amygdala. Zo kon ik dus ook ineens rustig naar de foto van de dader kijken. Hij was een plaatje geworden!

Nu denk je misschien: ja natuurlijk zijn het maar plaatjes! Maar zo vóelde ik dat nooit. Voor mij voelde alles als een levensechte bedreiging en ik voelde me dus nergens veilig. Voorál niet in mijn hoofd en lijf. Daaraan ontsnappen is iets wat ik altijd geprobeerd heb, maar wat nooit succesvol lukte. Mijn amygdala en zenuwstelsel waren hyperactief door het onverwerkte trauma en dat beïnvloedde mijn gevoel van veiligheid en daarmee mijn hele leven.

Bij PSYTREC ben ik ge-reset, heb ik tools gekregen om met stress te dealen en heb ik ervaren dat ik veilig ben. In deze wereld, maar vooral in mijn hoofd en lichaam. Dat voelt voor mij magisch. Dat was mijn diepste verlangen. En nu is het eindelijk gelukt. Het voelt als thuiskomen.

De helden van PSYTREC

De helden van PSYTREC hebben mij geholpen bij het maken van mijn innerlijke reis van de held. Ik blijk mijn eigen held te zijn.

Natuurlijk voel ik nog steeds verdriet als ik denk aan wat er gebeurd is. Maar de bijbehorende instant angst, paniek, schaamte, schuld en walging hebben plaats gemaakt voor begrip en mededogen voor mezelf. Dat voelt heel erg fijn. De behandeling van PSYTREC heeft mijn zelfbeeld veranderd.

Ik ben er nog niet. Verwerken en vermijden gaan niet samen dus exposure en beweging zijn essentiële handvatten om mijn herstel voort te zetten. Bij PSYTREC zeiden de behandelaren dat als ik weer ga vermijden de herbelevingen en bijbehorende ellende terug kunnen komen. Dan gaan mijn amygdala en zenuwstelsel weer in de overdrive.

Dat wil ik natuurlijk niet en het zou ook erg zonde zijn van al mijn harde werk. Ik heb dus nog genoeg huiswerk en krijg ook nog nazorg van mijn GGZ behandelaar, die ik al bijna twee jaar ken. Ik ga voor mijn herstel en weet dat ik het kan.

In order to heal, you have to stop pretending it doesn’t hurt.

Het citaat hierboven vind ik zo veelzeggend. Alles is begonnen met aan mezelf en anderen eerlijk toegeven dat ik pijn leed. Dat ik (innerlijk) erg gewond was en me daardoor heel kwetsbaar en naar voelde. Vervolgens moest ik hulp vinden die ik vertrouwde en waar ik me veilig voelde. Zodat ik daar mijn al mijn wonden helemaal bloot kon leggen en volledig kon laten behandelen. Ik voelde dat ik dat kon doen bij Psytrec.

Thuiskomen

Wie weet verdwijnen of verminderen mijn bipolaire klachten wel en blijk ik geen “echte” bipolaire 2 stoornis te hebben, maar uitte de PTSS zich in bipolariteit. Ik hoop en vermoed het.

Ik gun eenieder die kampt met diepe innerlijke wonden een behandeling bij PSYTREC. Om thuis te komen bij zichzelf. Mocht je dit lezen en dingen herkennen: op de website van PSYTREC kun je meer informatie vinden en kun je een PTSS zelftest doen.