4 weken lithium: stabiel, of nog niet?

Ik slik nu 4 weken lithium. Twee weken geleden begon alles ineens lichter en leuker te voelen!

Ik bleek op de goede lithiumspiegel van 0.7 te zitten dus ik dacht: yes, de medicatie slaat aan! Het leven zag er echt ineens een stuk leuker uit. Ik kreeg weer zin om dingen te ondernemen. Ik kon meer aan. Ik raakte niet zo snel meer overprikkeld. Als het zo voelt om stabiel te zijn dan is het leven fijn!

Slecht slapen = killing

Maar sinds 3 nachten slaap ik weer slecht. Ik heb twee dochters van 4 en 1 en allebei hebben ze 3 nachten liggen spoken.

Na de eerste nacht voelde ik al aan mijn hoofd dat het minder ging. Ik voelde me opgejaagd, angstig en de langspeelplaat met rotgedachten ging weer aan.

Na wéér een nacht slecht slapen werd ik nog opgejaagder en angstiger. En ik kreeg nog meer nare gedachten zoals: het komt niet goed, alles gaat fout, ik kan niks, ik ben een slecht mens, ik kan het leven niet aan, ik ben een slechte moeder, ik ben een loser, de wereld is beter af zonder mij enzovoort.

Terug bij af

Na nóg een nacht slecht slapen begonnen de suïcidale gedachten weer. Ik voel mezelf steeds verder wegzakken.

Ik ben weer super overprikkeld, angstig en somber. En dat terwijl het echt beter leek te gaan. Ik vind het zo rot, en ook eng. Gaat het leven dan nooit makkelijker en lichter worden. Wanneer komt de stabiele fase? Gaat de medicatie me wel helpen?

Slaapgebrek en slechte nachten zijn echt killing voor me merk ik. Ik track mijn stemming met de moodtracker Daylio (aanrader trouwens) en kan nu ook goed terug zien dat wanneer ik slecht slaap ik daar meteen last van heb.

Wat te doen?

Misschien moet ik naar een hogere lithium spiegel. Of zou het rotgevoel komen doordat ik afbouw met olanzapine? Of komt het echt alleen door de slechte nachten? Ik ga het komende week overleggen met mijn psychiater.

Vannacht slaap ik in ieder geval bij mijn ouders zodat ik even een goede nacht kan maken. Mijn man blijft bij de kinderen.

Sorry, voor deze ongezellige blog maar ik wil het even van me afschrijven. Ook om het proces bij te houden van starten met medicatie.

Hopelijk kan ik bijslapen en gaat het leven er weer leuker uit zien.

Lithiumspiegel opbouwen

Eerder schreef ik al dat ik ben begonnen met medicatie. Als eerste begon ik met olanzapine en daarna met lithium.

Van 600 mg naar 800 mg lithium

Op vrijdag 11 januari ben ik begonnen met 600 mg lithium. Op donderdag 17 januari heb ik bloed laten prikken om te kijken op welke spiegel ik zat. Maandag 21 januari hoorde ik dat ik op een spiegel van 0,5 zat. Dus heb ik in overleg met mijn psychiater de dosering van 600 mg lithium naar 800 mg opgehoogd.

Lithiumspiegel 0,7

Vanaf een lithiumspiegel van 0,6 is de lithium pas merkbaar werkzaam, heb ik me laten vertellen. Nou begon ik me na die maandag 21 januari wel beter te voelen. Lichter. Rustiger. Helderder. Heel fijn!

Maandag 28 januari, heb ik weer bloed laten prikken en zojuist, 29 januari, kreeg ik een belletje dat ik op een spiegel van 0,7 zit! Jeeee! Dat is waarschijnlijk de reden dat ik me beter voel.

De psych wilde me in eerste instantie op 0,8 instellen, maar omdat ze hoorde dat het goed met me gaat, houden we de spiegel voorlopig op 0,7. Dat vind ik prima. Hopelijk blijf ik me goed voelen.

Goeie spiegel, zonder bijwerkingen

Dus 2,5 week na het starten met lithium zit ik op de goeie spiegel. Ik heb ook helemaal geen last van bijwerkingen, lucky me!

Vanaf vandaag ga ik de olanzapine afbouwen. Van 10 mg naar 5 mg. Benieuwd hoe dat gaat.

Pijlers voor herstel

Ik heb nu een aantal pijlers voor mijn herstel:

  • lithium medicatie
  • psycho-educatie bipolaire stoornis. Met deze cursus begin ik vandaag. Mijn man gaat ook mee. Ik zal er een blog over maken.
  • opvang voor mijn jongste dochter, zodat ik op maandagen en woensdagen bij kan tanken.
  • hulp vanuit de gemeente/ de WMO. Iemand die me onder andere gaat helpen met aaanvragen van subsidie voor kinderopvang.
  • Dagelijkse HIIT work out (transpiratie) en yoga (meditatie)

Hopelijk gaan al deze dingen me helpen om stabiel te worden én te blijven.

Update 7 februari 

Wat als… het waar mag zijn

Overal om me heen zie ik reclames voor producten, cursussen, boeken etcetera waar je gelukkiger van wordt. Althans dat zeggen ze. Met geluk is geld te verdienen, want iedereen wil gelukkig zijn. Het is staat in de top 3 van wat mensen het liefste willen.

Met al die geluksproducten lijkt het haast dat je altijd gelukkig kan en moet zijn. En als je niet gelukkig bent, is dat eigenlijk je eigen schuld. Want met al die manieren om gelukkig te worden móet het iedereen lukken! Of je nou een bipolaire stoornis hebt of niet.

Daardoor lijkt het dat ongelukkig zijn niet oké is. Dat depressief zijn een keuze is. En dat het altijd leuk moet zijn. En makkelijk.

Wat als het waar mag zijn?

Mijn dochter zei laatst tegen me toen iets niet lukte: ‘Mama, ik doe alles fout! Ik doe altijd alles fout!’

Ik wilde haar niet ongelukkig zien dus mijn eerste reactie was natuurlijk: ‘Maar schatje hoe kom je daar nou bij? Je doet helemaal niet alles fout!’

Daarvan werd ze alleen maar verdrietiger: ‘ Jawel! Ik doe wél alles fout!!!’

Toen dacht ik: wat als dat waar mag zijn? Dat ik erken wat ze zegt, in plaats van het ontken en weg wil stoppen. En ik zei: ‘Zelfs als je alles fout doet, houden we nog steeds van je! Héél veel! Het maakt ons niet uit of je iets goed of fout doet. We houden sowieso van je.

Zodra ik niet tegensprak hoe ze zich voelde, maar het waar liet zijn hoe ze zich voelde en uitsprak dat we no matter what van haar houden, toen werd ze weer rustig.

Niet wegstoppen

Dat zette me aan het denken. Wat als het waar mag zijn dat ik me ongelukkig voel. Dat ik het leven soms helemaal k#t vind. Dat niemand op me zit te wachten. Dat ik een loser ben. Dat ik bipolair ben. Wat als alle negatieve gedachten die ik heb waar mogen zijn.

Wat als ik die gedachten niet meer om hoef te buigen naar iets positiefs. Wat een ruimte en rust zou dat geven!

Dat merk ik in ieder geval bij mezelf wel. Ik heb door mijn bipolaire stoornis extra veel last van negatieve gedachten. Er hangt vaak een hele donkere wolk in mijn hoofd waar ik vaak doodsbang voor ben omdat ik weet wat een enge nare gedachten daarvan komen.

Ik ben al mijn hele leven aan het vechten tegen die gedachten. Positief denken, mindfulness, persoonlijke ontwikkeling, therapie, alternatieve geneeswijzen. You name it en grote kans dat ik het ken en gedaan heb.

Maar wat als die waterval van negatieve gedachten waar mag zijn. Dan hoef ik die niet meer te veranderen. En dat maakt het al meteen minder eng en zwaar.

Dus wat als alles wat ik denk en alles wat er gebeurt waar mag zijn? Wat doet dat met mijn lijf? Met mijn hoofd?

Het is maar een probeersel hoor, geen idee of het lucht geeft als ik echt weer diep zit, maar het is het proberen waard.

Brief voor hulp

Onderstaande brief schreef ik, in overleg met mijn therapeut, aan mijn dierbaren om hun hulp te vragen en ze uit te leggen wat een bipolaire stoornis voor mij betekent.

Deze brief (en vooral de lieve reacties daarop) heeft me erg geholpen bij mijn weg naar herstel. Misschien is het schrijven van zo’n mail voor jou ook een goed idee en heb jij er ook wat aan.

“Lieve familie en vriendinnen,

Hopelijk gaat het goed met jullie?!

Ik schrijf deze brief omdat ik jullie om hulp wil vragen. Ik hoop dat jullie de tijd willen nemen om deze brief te lezen.

Zoals jullie weten is er afgelopen maart een bipolaire 2 stoornis bij mij gediagnosticeerd. Hiervoor ben ik inmiddels in therapie.

Wat betekent dit voor mij? Er is een hoop op z’n plek gevallen en daar ben ik heel dankbaar voor. Het geeft me rust.

Ongeacht of het label nu wel of niet klopt; ik ben heel blij dat ik hulp krijg en eindelijk weet hoe ik om kan gaan met waar ik al mijn hele leven mee worstel. Al is het nog steeds lastig, het gaat wel beter dan voorheen.

Zolang als ik me kan herinneren heb ik last van hevige energie- en stemmingsschommelingen, hooggevoeligheid en prikkelbaarheid. Dit leidt enerzijds tot periodes waarin ik supervrolijk en ontzettend energiek ben. In die periodes voel ik me on top of the world en kan ik veel aan. Ik verzet bergen werk, zeg het liefst overal “ja” op en kan de gekste dingen doen. Ik hou dan zóveel van het leven!

Anderzijds komt er na zo’n hoge piek altijd een heel diep dal. Dan heb ik weinig tot geen energie en ben erg moe en overprikkeld. Op die momenten voel ik me angstig, paniekerig, onzeker en vaak ook erg depressief… Zo erg dat ik dan niet meer wil leven en me verdwaald voel op deze wereld.

Het contrast tussen deze twee periodes is heel groot, heel vermoeiend en vooral heel verwarrend.

Hoe kan ik me het ene moment zo FANTASTISCH voelen en het andere moment dood willen, terwijl ik zo’n mooi leven heb met zoveel dierbare mensen en dieren om me heen? Ik begreep het niet en schaamde me enorm.

Vanwege de grote schaamte en het grote schuldgevoel heb ik hier nooit met iemand over durven praten of om hulp durven vragen.

Ik heb geprobeerd mijn diepe dalen zo goed mogelijk voor de buitenwereld verborgen te houden. Het sloeg toch ook nergens op: Zo snel en vaak van zó gelukkig naar zó ongelukkig gaan? Dat zou toch niemand serieus nemen?

Ik ben blij dat ik in februari toch ‘gebroken’ ben, alles heb durven vertellen en eindelijk om hulp heb gevraagd. Het was het engste dat ik ooit heb gedaan…

Nu doe ik weer iets wat ik heel eng vind: jullie allemaal om hulp vragen.

In therapie leer ik om te gaan met deze ‘beperking’, maar vooral om mezelf te accepteren zoals ik ben.

Mezelf accepteren zoals ik ben, vind ik het allermoeilijkste…

Ik leer te accepteren dat ik heel (prikkel)gevoelig ben en snel uitbalans raak en dat ik daar mijn leefstijl op moet aanpassen. Dat ik hiervoor een wekelijkse planning moet maken, zodat ik overprikkeling voorkom/ beperk en mijn balans behoud.

Ik leer mijn energiepeil in de gaten te houden en te levelen. Uitspreken wat me dwars zit, plannen, dagelijks yoga, mediteren en mindfulness helpen me hier enorm bij.

Ik leer ook negatieve dominante gedachtes te herformuleren. Mijn grootste negatieve dominante gedachte is: “Ik ben niet goed zoals ik ben.”

Het allerbelangrijkste van alles is: mijn leven zo indelen dat ik niet meer overprikkeld en uit balans raak. Dat betekent (het accepteren van) heel veel rust, ritme en regelmaat en dingen klein en simpel houden.

Ik voel(de) me zo’n loser hierdoor… Maar dit is echt mijn medicijn. Ik moet het zo doen, anders red ik het niet…

Mijn vraag aan jullie is: Zouden jullie rekening willen houden met mijn ‘gebruiksaanwijzing’ en er begrip voor willen hebben?

Ik vind het zelf nog heel erg lastig om te accepteren, dus ik hoop dat jullie me kunnen helpen.

Mijn gebruiksaanwijzing betekent eigenlijk dat ik:

  • niet veel afspraken zal maken of misschien (op het laatste moment) afspraken zal moeten afzeggen omdat ik uit balans ben of dreig te raken.
  • het liefste 1 op 1 wil afspreken of in kleine groepjes.
  • soms oordoppen in heb tegen teveel prikkels.
  • me af en toe (ineens) afzonder om mijn balans weer te vinden.
  • misschien wel mijn hele leven periodes heb waarin ik heel hyper en superenthousiast ben of juist erg teruggetrokken en down ben. En dat het belangrijk is dat ik het gevoel heb dat die beide kanten van mij er óók mogen zijn.
  • me aan mijn planning zal moeten houden, wat soms voor anderen misschien saai zal zijn.
  • soms erg emotioneel reageer als ik overprikkeld en uit balans ben, maar dat ik dat niet persoonlijk bedoel!
  • ‘simplify’ mijn motto is. Dus dat ik dingen graag klein hou en doe.
  • zal doen wat goed voelt voor mij en mijn gezin, ookal is dat soms ongezellig of saai voor anderen.
  • soms jullie hulp nodig heb als iets me niet lukt omdat er teveel prikkels zijn of als ik in een dal zit (de verjaardag van aanstaande zondag bijvoorbeeld).

IEEEEKS! Nou het is eruit! Ik hoop dat jullie me geen mislukkeling vinden en dat ik mijn ‘simple life’ kan leven én er samen met jullie van kan genieten.

Super bedankt voor al jullie hulp en steun van de afgelopen tijd. Ik snap dat het voor jullie ook niet altijd makkelijk is.

Ik ben enorm dankbaar dat jullie in mijn leven zijn!

Love you all!!!

Veel liefs!”

Bipolaire stoornis en een tweede kind

Je hebt een bipolaire stoornis en twijfelt of je wel moet beginnen aan een tweede kind? Ik herken het! Wij hebben inmiddels een tweede kindje en ik wil graag met je delen hoe dat is.

Een tweede kindje, niet gepland

Onze tweede dochter was niet gepland, maar we wilden wel graag een tweede. Daar wilden we nog even mee wachten. Ik had nét mijn diagnose gekregen en besloten om te starten met lithium toen ik erachter kwam dat ik al zwanger was van de tweede. Ik mocht toen niet beginnen met lithium, maar wel met therapie gelukkig.

Onze tweede was echt heel erg welkom en ze voelde als een geschenk, maar het maakte het ook lastiger, want het leidde tot slaapgebrek, minder rust en meer verantwoordelijkheden. En die dingen triggeren echt een hoop ellende bij mij.

Voordeel is wel dat ik bij de tweede wist wat er met me aan de hand was. Dus ik heb goed mijn signaleringsplan in de gaten gehouden, me gehouden aan wat ik bij therapie heb geleerd en mijn sociale vangnet om (extra) hulp gevraagd. Verder heb ik zo veel mogelijk rustmomenten geprobeerd in te passen.

Een ander voordeel was dat er door onze eerste dochter al meer rust, reinheid, regelmaat in mijn leven zat en rust, reinheid, regelmaat is niet alleen voor kinderen heel belangrijk, maar ook voor mensen met een bipolaire gevoeligheid.

De tweede zwangerschap

Mijn tweede zwangerschap was wel zwaarder dan de eerste, omdat ik natuurlijk al een peuter rond had lopen. Dus ik kon niet zomaar gaan slapen wanneer ik dat wilde. En ik moest van alles met haar ondernemen, ook als ik echt geen energie en geen zin had. Daarom was ik tijdens mijn tweede zwangerschap echt veel moeier. Dan had ik echt even opa en oma nodig om op de oudste te komen passen, zodat ik kon slapen.

De pluszijde was dat het zó lief was om te zien hoe mijn oudste steeds aan mijn buik kwam voelen en contact maakte met haar zusje. Ontroerend en hartverwarmend. Heel bijzonder om een tweede zwangerschap mee te maken.

Na de bevalling

De eerste tijd na de bevalling ging eigenlijk ook heel goed. We hadden een hele happy baby en ze was/ is met alles erg makkelijk. Superfijn! Mijn oudste dochter was de allerliefste grootste zus. Zó aandoenlijk om haar met haar zusje te zien knuffelen en kusjes geven. *Smelt, smelt!!*

Er zit 3 jaar en 3 maanden tussen onze dochters. Toen mijn jongste 9 maanden was ging mijn oudste naar school. Dat scheelde een hoop drukte thuis. Sowieso vind ik het fijn dat er deze tijd tussen de twee meiden zit. De oudste begreep al veel toen haar zusje geboren werd. Dat scheelde een hoop gedoe. Ze kon me vaak echt helpen, bijvoorbeeld dingetjes aangeven.

Ze kunnen ook heel leuk spelen samen, dat is voor mij ook fijn, want dat kan ik even mijn eigen ding doen. Als de oudste naar school was, kon ik af en toe meeslapen met de jongste. Heel fijn!

Als ik lekker in mijn vel zit, is het echt een feestje met die twee meiden. Dan hebben we de grootste lol en doen we leuke dingen, zoals samen de eendjes voeren, dansen door de woonkamer, voorlezen, torens bouwen enzovoort.

Te zwaar?!

Pas vanaf dat de jongste 11 maanden werd, vond ik het wel écht heel zwaar worden. Want ze begon met lopen en allerlei enge toeren uit te halen, zoals overal op willen klimmen, dus ik moet constant allert zijn. Ook begon toen pas het slaapgebrek en gebrek aan rust me op te breken.

Er zijn sindsdien best vaak momenten geweest dat ik heb gedacht: Ik had nooit aan een tweede moeten beginnen. Het is te zwaar voor me. Maar de momenten waarop ik mijn twee meiden samen zie en ze hoor lachen vergeet ik alle ellende en ben ik zó dankbaar dat ik twee mooie meiden heb!

Vangnet essentieel

Wat voor mij essentieel is, is de hulp van mijn sociale vangnet. Ik ben gezegend met een goed vangnet van (schoon)familie die wil helpen. Alle vier de opa’s en oma’s wonen in de buurt en er zijn lieve ooms en tantes die bij willen springen. Mijn man doet de nachten, als dat nodig is, zodat ik kan blijven slapen.

Erfelijkheid?

Ik vind kinderen krijgen wel spannend qua erfelijkheid. Ik wil mijn bipolaire stoornis niet doorgeven aan mijn kids. Ik doe nu mee aan dit onderzoek: https://www.plusminus.nl/np3-offspring-studie/ Ik krijg deze week de vragenlijsten gemaild. Ook krijg ik na afloop de resultaten van het onderzoek. Ik hoop dat blijkt dat het allemaal meevalt.

Maar ja, het kan ook zijn dat mijn dochters er wel wat van mee krijgen. Ik doe mijn best om een zo goed mogelijke moeder voor ze te zijn, maar het lukt helaas niet altijd. Momenteel krijg ik extra hulp, omdat ik het te zwaar vind.

Mijn conclusie

Dus ja, beginnen aan een tweede voelde voor mij dus wel dubbel. Het heeft echt zijn voor- en nadelen. Voor mij wegen de voordelen gelukkig zwaarder dan de nadelen.

Ik denk dat het goed te doen is als je:

  • de juiste medicatie hebt
  • een goed signaleringsplan hebt
  • een plan van aanpak voor je (mentale) gezondheid hebt
  • hulp van een fijn sociaal vangnet hebt
  • rust, reinheid, regelmaat na leeft

Ik realiseer me ook dat ik nu in de tropenjaren zit met jonge kinderen. Als ze straks allebei op school zitten is het alweer heel anders.

Mijn conclusie is: Ik zou mijn meiden voor geen goud willen missen en ben heel dankbaar en blij dat ze er zijn.

Dit is hoe ík het ervaar. Hoe ervaar jij het? Hoeveel kids heb je? Hoe ga jij ermee om? Benieuwd naar jouw ervaring!

Jongste dochter naar gastouder

Sinds deze week gaat mijn jongste dochter (voorlopig) twee dagen in de week naar een gastouder. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar het is zo’n opluchting!

Thuisblijfmoeder zijn is zwaar

Ik ben een thuisblijfmoeder en ik dacht (voordat ik kinderen had) dat thuisblijfmoeders het lekker makkelijk hadden. Maar inmiddels weet ik dat thuisblijfmoeder zijn echt pittig is. Zeker in combinatie met een bipolaire stoornis. Het is superfijn om bij mijn kids te kunnen zijn, maar ik vind het dus ook zwáár…

Want als ik in een dal zit, dan heb ik zo weinig energie. Ik wil en kan niks. En mijn dochters doen niet meer met mijn dal. Die hebben energie voor tien. “Mama, kom we gaan de eendjes voeren, een puzzel maken of knutselen!” De jongste rent in de rondte en klimt overal op. Ik moet haar constant in de gaten houden. Terwijl ik me wil verstoppen onder de dekens, slapen en nooit meer wakker worden. Hoe combineer ik in vredesnaam moeder zijn met mijn depressie?!

Opvang regelen

Het gaat al een tijdje niet zo goed met mij. Eind november ben ik door mijn hoeven gegaan en sinds eind december heb ik, samen met mijn familie, hulp ingeschakeld bij de gemeente. Ik red het niet meer, en mijn man en (schoon)familie helpen natuurlijk wel, maar ook voor hen werd het te zwaar.

Toen kwam het idee om extra opvang te regelen voor mijn jongste dochter. Op maandag en woensdag. Zodat ik tijd heb om bij te komen, bij te slapen en dingen te doen waar ik anders niet aan toe kom.

Schuldgevoel en schaamte

Ik voelde me in eerste instantie erg schuldig en schaamde me dat ik opvang voor haar nodig had. Waarom lukte het me niet? Ik werk ook al niet. Nu kan ik mijn ‘baan’ als moeder ook al niet aan. Het is zo frustrerend. Het voelt als falen.

Ik weet niet hoe het voor jou is, maar ik vind het nog steeds lastig om te accepteren dat ik een bipolaire stoornis heb en dat wat ik wil en wat ik aankan zover uit elkaar ligt.

Ik ben ook vaak bang dat mensen vinden dat ik het als excuus gebruik. Dat ze me een aansteller en een slappeling vinden. En zodra ik die gedachten krijg, nou dan gaat het los in mijn hoofd en blijf ik maar malen: “Ik ben niet goed genoeg. Ik ben een loser. Ik kan niks” enzovoort…

Zeker als ik moe ben, komen die gedachten op. En dan kan ik ze niet meer stoppen. De laatste tijd heb ik daar dus heel veel last van.

Nu meer tijd om uit te rusten

Het grote voordeel van dat mijn jongste dochter nu twee dagen per week naar de gastouder gaat, is dat ik echt even bij kan komen. De oudste is naar school dus ik heb dan nu tijd om lekker bij te slapen, rustig te douchen, een tijdschrift te lezen. Of gewoon even te niksen. Dat voelt heel goed. Mijn hoofd is al wat rustiger. Hopelijk komt dat ook door de lithium waar ik afgelopen vrijdag mee ben begonnen.

Hoopvol

Ik hoop dat deze (tijdelijke) opvang voor mijn jongste dochter en de lithium me gaan helpen om weer in balans te komen en mezelf weer op de rit te krijgen. Er ligt nu in ieder geval een mooi plan van aanpak en dat geeft moed.

Hoe pak jij het aan om extra tijd voor jezelf en genoeg rust te nemen?

Starten met lithium

Ik ben gestart met lithium. Het merk heet Priadel. Dit wordt vergoed door de verzekering. Dinsdag 8 januari, had ik een gesprek met mijn psychiater over deze medicatie en over met welke dosis ik zou starten.

Ik ben begonnen met lithium omdat ik niet meer goed om kan gaan met alle hoge pieken en diepe dalen. Slaapgebrek en onvoldoende rust kunnen nemen, triggeren episodes bij mij en aangezien ik een moeder ben van twee jonge kids heb ik nou eenmaal slaaptekort en niet genoeg rust.

Hóe lithium precies werkt weten ze niet, maar lithium haalt de hoogste pieken en diepste dalen weg. De lithium gaat mij hopelijk in een bandbreedte houden van ‘normale/ gemiddelde’ pieken en dalen. Ik kan niet wachten tot ik meer balans voel in mijn leven.

600 mg lithium en 10 mg olanzapine

Ik ben begonnen met de laagste dosis lithium: 600 milligram. We gaan kijken hoe mijn lichaam daarop reageert. Ik nam vrijdag 11 januari 2019 om 21.30 de eerste dosis. Ik had natuurlijk ook afgelopen dinsdag kunnen beginnen, maar de eerste week dat je met lithium begint, mag je geen auto rijden. Omdat ik nog twee afspraken had staan, heb ik in overleg besloten om op vrijdag te beginnen. Dan hoef ik die week daarna geen auto te rijden.

Ik begin dus met 600 mg lithium. Een pil is 400 mg dus ik nam vrijdag om 21.30 anderhalve pil. Ik neem in het begin ook nog 10 mg olanzapine, tegen de overprikkeling, voor goeie prikkelverwerking én om goed te kunnen slapen.

Binnen 7 dagen prikken

Om mijn lithiumspiegel te controleren, moet ik voorlopig steeds binnen 5 a 7 dagen mijn bloed laten prikken. Dat kan gelukkig vlak bij mijn huis. Ik moet 12 uur na inname van de lithium bloed laten prikken, want anders is de lithiumspiegel niet representatief. Ik heb besloten op donderdag 17 januari om 9.30 bloed te gaan prikken. Maandag 21 januari krijg ik de uitslag.

Lithiumspiegel van 0,8

De laagste (werkzame) lithiumspiegel is 0,6. Daar stellen ze je op in als je vrij goed in balans bent. Mijn psychiater hanteert als hoogste spiegel 1,0. 1,2 kan ook, maar dan hoef je maar een klein beetje naar boven te schieten of je zit tegen lithiumvergiftiging aan. Daarom hanteert mijn psych een bovengrens van 1,0. Daar stellen ze je op in als het heel slecht met je gaat. Ze wil mij op 0,8 instellen, dus mooi in het midden, om te kijken hoe ik erop reageer.

Olanzapine

Als ik gewend ben aan de lithium en mijn lichaam geen bijwerkingen (meer) vertoont, ga ik de olanzapine rustig afbouwen. Van 10 mg naar 7,5 naar 5 naar 2,5 naar 0. Hopelijk blijf ik dan stabiel met alleen de lithium.

Bijwerkingen van lithium

De meest voorkomende bijwerkingen van lithium zijn:

  • misselijkheid
  • droge mond en dorst
  • veel plassen
  • veel drinken
  • zwaarder worden
  • huidafwijkingen: acne (puistjes) en psoriasis (rode plekken met een witte/zilvergrijze schilfers op uw huid).
  • trillen, met name van de handen
  • vergroting van de schildklier
  • trager werkende schildklier. Bij een te traag werkende schildklier voelt u zich moe en traag, en kunt u zich somber voelen.

In de eerste 2 weken kun je het meeste last hebben van bijwerkingen. Ik hoop dat ik geen of in ieder geval weinig last ga hebben van bijwerkingen.

Acties tegen de bijwerkingen

Je kunt een aantal dingen doen tegen de bijwerkingen:. Ten eerste probeer je arts je een zo laag mogelijke dosis lithium voor te laten schrijven. Als je dan nog steeds last hebt van bijwerkingen kun je het volgende proberen:

  • bij misselijkheid: neem lithium in samen met wat eten
  • bij een droge mond: eet suikervrije kauwgom.
  • bij een dorstgevoel: sabbel op een schijfje citroen of een blokje ijs
  • bij zwaarder worden: hou in de gaten of je ongemerkt meer calorieën bent gaan eten. Neem eventueel contact op met een diëtist. En ga sporten.
  • bij trillen: dit kan worden bestreden met het medicijn propranolol. Maar het trillen kan ook weg gaan, zodra je lichaam aan de lithium gewend is.
  • bij een trager werkende schildklier: je hoeft niet te stoppen met lithium, maar je moet daarnaast wel een extra schildklierhormoon slikken.

Resultaten delen

Om zelf mijn proces goed bij te kunnen houden en om jou te informeren over mijn herstel en gebruik van lithium ga ik op deze blog mijn resultaten en ervaringen met lithium delen.

Slik jij ook lithium? Zo ja, heb je er veel baat bij? En heb jij last (gehad) van bijwerkingen? Zo ja, welke? Ik hoor het graag hieronder in de reacties!

Schrijven als tool voor herstel

Ik hou heel erg van schrijven. Wat schrijven mij brengt en waarom het me helpt bij mijn herstel deel ik in deze blog.

Op 1 januari 2019 is deze blog live gegaan. Ik wilde graag van me afschrijven hoe ik me voel, het proces van mijn herstel bijhouden en, als dat lukt, andere mensen met een bipolaire stoornis inspireren bij hun herstel.

Wat levert schrijven op

  • Het werkt voor mij rustgevend. Als ik schrijf krijg ik namelijk een fijne focus. Mijn vervelende gedachten stoppen en ik duik helemaal in waar ik over aan het schrijven ben. In die zin is schrijven niet alleen inspirerend voor me, maar werkt het voor mij ook meditatief. Even lekker in mijn schrijf cocon.
  • Schrijven geeft overzicht. Door alles op zwart op wit te zetten organiseer ik de gedachten in mijn hoofd op ‘papier’. Zeker nu bij het proces van mijn herstel helpt schrijven me. Waar stond ik, waar sta ik nu, waar ga ik naar toe?
  • Het brengt me plezier. Ik hou enorm van schrijven dus zodra ik een pen in mijn handen heb of achter de laptop ga zitten komen de woorden als vanzelf. Zo’n flow geeft me een goed gevoel.

Schrijven van jongs af aan

Van jongs af aan hou ik al van schrijven. Ik hield altijd al dagboekjes bij, schreef korte verhalen, brieven en gedichtjes. Later begon ik twee blogs, eentje over paarden en eentje over het moederschap. Wat dat betreft zit het schrijven mij echt in het bloed.

Deze blog is voor mij een soort groot, online dagboek. Ik kan er ook alle kanten mee op en dat voelt fijn.

Online dagboek

De reden dat ik nu niet in een offline dagboek schrijf, maar het online deel, is omdat toen ik zelf veel haal uit blogs van mensen met een bipolaire stoornis. Wat ik vooral fijn vind is herkenning vinden, maar ook inspiratie in de zin van verhalen over herstel. Hoe pakken mensen dat aan? Waar hebben ze echt profijt van? En daarom richt ik me daar ook op in deze blog, in de hoop dat anderen er ook wat aan hebben.

Wat helpt jou?

Ik ben heel benieuwd naar wat jou helpt bij het omgaan met je bipolaire stoornis. Hou je ook van schrijven of doe je juist iets totaal anders om je energie op te focussen? Ik hoor het graag hieronder in de reacties!

Een bipolaire moeder zijn

Ik ben moeder van twee geweldige dochters van 1 en 4 jaar oud. Toen ik zwanger werd van de eerste wist ik nog niet dat ik een bipolaire stoornis had. Dat kwam toen ik moeder was.

Toen ik erachter kwam dat ik zwanger was, was ik in Johannesburg, Zuid-Afrika. Ik had er al vier maanden backpacken met mijn vriend op zitten en we zouden bijna naar huis gaan. Het was een hele mooie (en heftige) reis en we namen de allermooiste souvenir mee in mijn buik: een baby.

Mijn zwangerschap

Ik zou moeder worden. Mijn hele leven zou veranderen! Ik keek er erg naar uit, maar het maakte me ook wel zenuwachtig, want zou ik het wel aankunnen? Zou ik wel een goeie moeder zijn? Ik raakte altijd al snel overprikkeld en kon slecht tegen weinig slaap. Zou een baby me niet laten ontsporen?

Ik besloot mijn zorgen opzij te zetten en volledig van mijn zwangerschap te gaan genieten. Wat was ik BLIJ met die lieve baby in mijn buik. Ik kon er volop van genieten. Mijn zwangerschap verliep vrij vlekkeloos en ik had zelfs het idee dat ik me stabieler voelde. Misschien kwam dat omdat mezelf meer en vaker toestond om uit te rusten en bij te tanken. Ik was liever voor mezelf. Het ging immers niet meer alleen om mij! Er zat een baby in mijn buik waar ik écht goed voor moest zorgen!

Post natale depressie  hypomanie!

Op 13 september 2014 werd ik moeder van een dochter. WOW, wat een bijzondere ervaring was bevallen en wat kwam er een geweldig meisje tevoorschijn!

Ik kwam meteen op een roze wolk terecht. Achteraf bekeken, denk ik dat ik niet zoals sommigen een postnatale depressie had, maar meer een postnatale hypomanie. Geen idee of dat bestaat, maar zo voelt het als ik erop terug kijk.

Ik had voor iemand die zo weinig sliep wel erg veel energie! Ik was heerlijk aan het moederen, maar zette tegelijkertijd allerlei projecten op. Ik was niet te stoppen.

De mensen om me heen keken er met verwondering en verbazing naar. Hoe kon zo’n jonge moeder die zo weinig sliep dit allemaal doen? Sommige vriendinnen hadden zo hun bedenkingen. Ik denk nu dus dat ik een hele tijd hypomaan ben geweest.

Natuurlijk ouderschap

Ik vond/ vind mezelf gelukkig een goeie moeder. De bevalling was heftig, maar is allemaal goed gegaan, mijn borstvoeding liep super, ik heb een heerlijke kraamweek achter de rug en het allerbelangrijkste: mijn man en ik hadden een hele happy baby! Geen huilbaby, maar een lachbaby.

Ze sliep meestal bij mij in de draagzak. Ik was een echte kangoeroe. Het ‘natuurlijk ouderschap’ of ‘attachment parenting’ paste goed bij me. Ik wist eerst niet dat dat was wat we deden, maar dat bleek later toen iemand zei: ah, je doet aan natuurlijk ouderschap. Ik deed met mijn paarden natural horsemanship, dus het verbaasde me eigenlijk niks dat ik met mijn dochter aan ‘natuurlijk ouderschap’ deed.

Onze dochter sliep bij ons in bed, met een cosleeper, ik droeg haar veel in de draagdoek, gaf borstvoeding. Het ging allemaal vanzelf. We hadden veel plezier samen en ik danste vaak met haar door de kamer.

Ik begon te wiebelen

Hoe ouder mijn dochter werd hoe meer ik begon te wiebelen. Ik ben mijn hele leven al wiebelig, maar nu werd het toch wel erger. Ik raakte compleet uit balans.

Het slaapgebrek door de nachtvoedingen begon me denk ik op te breken. Ook werd die kleine peuter steeds mobieler dus ik moest erg oplettend zijn dat dat kleine apie niet overal opklom en af zou vallen.

Het viel mijn omgeving op dat ik steeds ‘gekker’ begon te doen. Ik raakte snel over mijn toeren, werd angstig, paniekerig en érg emotioneel. Ik probeerde het te verbergen voor mijn omgeving, want was bang dat ze me ‘gek’ zouden vinden. En ik wilde niet dat mijn dochter er last van zou hebben.

De neerwaartse spiraal

Ik werd moeier en moeier en steeds neerslachtiger. Ik kwam in een neerwaartse spiraal terecht. Waar ik vroeger in bed ging liggen en wachtte tot het dal weer over zou gaan, was dit nu niet meer mogelijk. Er liep een kleine meid rond die afhankelijk was van mij. Ik kon niet eindeloos slapen. Er moesten broodjes worden gesmeerd, geitjes geaaid in de kinderboerderij, torens gebouwd etcetera.

Ik werkte part time, fulltime werken heb ik nooit gekund. Maar nu werkte ik wél fulltime: want ik was moeder geworden en dat is zowel de mooiste als de zwaarste baan die er is.

Van een upper naar een grote crash

In november 2016 ging ik voor mijn werk naar een event in Las Vegas. De combinatie van mijn jet lag, mijn slaaptekort, het high energy event en de manische stad Las Vegas maakte dat ik in een hypomanie belandde. Ik was SKY HIGH! AL wist ik toen nog niet dat het een hypomanie was. Ik dacht dat ik ‘gewoon lekker enthousiast was’.

Toen ik terug kwam had ik allerlei wilde plannen. Ik begon een project op Ibiza, waar ik in januari 2017 naar toe vloog met man en kind. Het project faalde jammerlijk, want zoals je waarschijnlijk al kunt raden, stortte ik daar volledig in en jawel, daar kwam de depressie.

Mijn dochter was inmiddels 2,5 jaar. In februari 2017 moest ik met de billen bloot. Ik moest aan mijn omgeving vertellen dat er iets niet klopte met mij en dat ik hulp nodig had. Ik was compleet uit balans. Ik vermoedde al een paar maanden dat ik een bipolaire stoornis had. Na mijn crash wist ik het eigenlijk wel zeker.

En ja, de diagnose in maart was: Bipolaire 2 Stoornis. Een opluchting. Maar ook spannend, want behalve de diagnose kreeg ik ook een positieve zwangerschapstest.

Weer zwanger

Ik zou een tweede kindje krijgen! Mijn man en ik waren dolgelukkig, maar het was ook spannend, want ik vond het al pittig met één kind. Zou ik twee kinderen wel aankunnen? En nu wist ik ook van mijn extra kwetsbaarheid: mijn bipolaire stoornis. Was het onverantwoord om voor een tweede te gaan?

Ik besloot te vertrouwen op mijn moederinstinct. Dit kindje was zo gewenst! Ik vertrouwde ook op mijn therapie en herstel plan.

De zwangerschap en kraamtijd waren wederom geweldig. Ik heb er zó van genoten! En weer zo’n ontzettende lieve, blije lachbaby. Weer een dochter. Een geschenk uit de hemel! Ik heb de liefste kinderen die ik kan wensen.

Het herstel is zwaar

Ik kon na mijn diagnose nog niet beginnen met lithium, omdat ik zwanger was en, net als bij mijn oudste dochter, een lange tijd borstvoeding wilde geven. Ik volgde wel therapie, maar in november 2018 (mijn dochters waren toen 4 en 1) bleek dat ik het écht niet meer redde zonder medicatie. Ik raakte steeds te erg uit balans. Vooral slaapgebrek was een enorme trigger van episodes.

En dus ga ik starten met medicatie. Ik heb nu olanzapine en start volgende week, 8 januari 2019, met lithium. Zo kan ik hopelijk het leven beter aan en een stabielere moeder zijn voor mijn kinderen, want ik ben bang dat als ik langer zo door ga, ze last van mij gaan krijgen en dat wil ik niet.

Inmiddels is mijn oudste dochter dus 4 en mijn jongste dochter 1 jaar. Het is ZWAAR! Het is ook FANTASTISCH! Als er één ‘beroep’ bipolaire trekken heeft, is dat het moederschap. Holy moly. Ik heb nog meer slaaptekort, maar ook nóg meer liefde in mijn hart. Dat heeft god gelukkig slim bedacht. Dat iets wat zo zwaar is ook gelukkig zo mooi is. Anders zou de mensheid al uitgestorven zijn denk ik. 😉

Extra hulp gevraagd

Het zijn tropenjaren met jonge kinderen. En in combinatie met mijn bipolaire stoornis vind ik moeder zijn héél pittig.

Zo pittig dat ik naast medicatie ook extra hulp heb aangevraagd bij mijn gemeente. Ik moest echt mijn schaamte voorbij, want jeetje wat schaam(de) ik me hiervoor, maar ik heb echt extra hulp nodig. Ik heb geen werk meer, omdat ik het niet meer trok: werken én moeder zijn én dealen met mijn bipolaire gevoeligheid. Het werd me teveel.

Nu krijg ik, naast medicatie en therapie, hopelijk van de gemeente (tijdelijk) extra hulp bij het bekostigen van kinderopvang, zodat als mijn oudste dochter op school zit, mijn jongste dochter een paar uur naar een gastouder kan en ik kan bijtanken/ bijslapen.

Hopelijk gaat dit lukken en krijg ik de kans om mezelf weer goed op de rit te krijgen, want nu gaat het nog goed met mijn dochters en kan ik ze geven wat ze nodig hebben, maar ik ben bang dat ik straks niet meer kan.

Ik wil mijn dochters kunnen geven wat ze verdienen en daarom moest ik schaamte en schuldgevoel voorbij en om hulp vragen. Mijn eigen netwerk begint ook op hun tandvlees te lopen en ik wil hun niet verder belasten. Ze doen al zoveel.

Ik hou je op de hoogte van hoe het verder gaat.

Hoe ga jij om met het moederschap en je bipolaire stoornis? Heb je nog tips? Ik hoor ze graag! Samen weten we meer en staan we sterker!

Minimalisme brengt rust

Wat mij echt enorm veel rust brengt is bezig zijn met minimaliseren. Wellicht ken je het nog niet en/ of kan het jou ook helpen om je leven meer in balans te brengen. Vandaar deze blog.

Wat is minimalisme?

Voor mij is minimalisme: alleen de spullen in mijn huis hebben die ik echt gebruik/ nodig heb en waar ik blij van word en alleen de mensen in mijn leven hebben die echt belangrijk voor me zijn.

Joshua Becker zegt in zijn boek ‘Meer door minder’:
“Minimalisme is dat belangrijk maken wat voor jou écht belangrijk is en alles verwijderen wat daar niet bij helpt.”

Wat voor mij belangrijk is, zijn 3 basisgevoelens die ik wil hebben: een gevoel van veiligheid, overzicht en liefde (voor mezelf en mijn dierbaren). Minimalisme helpt me om me te focussen op deze 3 basisgevoelens. Een activiteit die me helpt om me zo te voelen, is ontspullen.

Ontspullen

Ik ben begonnen met ontspullen (een belangrijk onderdeel van minimalisme) na mijn reis naar Afrika. In 2013 reisde ik samen met mijn man 4 maanden door Afrika. Ik had in Afrika alleen een backpack bij me en daar zat alles in wat ik nodig had. Dat gaf me zo’n gevoel van vrijheid en overzicht! Bovendien zag ik in Afrika dat je maar heel weinig nodig hebt om gelukkig, of beter gezegd tevreden te zijn.

Toen ik weer thuis kwam, besloot ik heel veel spullen weg te doen. Alles wat ik meer dan een jaar niet had gebruikt en alles waar ik niet blij van werd, ging weg.

Omdat ik in Afrika zwanger was geworden, kwamen er na onze reis wel weer spullen het huis in, want een baby heeft nu eenmaal ook spullen nodig. We schaften alleen het hoognodige aan en zelfs daarvan bleek dat we de helft niet nodig hadden en of niet gebruikten. Dus dat deden we weer weg.

Kleiner wonen = minder opslagruimte = minder spullen

In 2017 verhuisde ik naar een kleiner huis. Dit was een hele bewuste keuze. In Afrika leefde ik in een klein tentje en buiten, in de natuur. Klein wonen geeft me veel rust, omdat ik dan het hele huis kan ‘voelen’. Het geeft me een geborgen en veilig gevoel.

Ook maakte kleiner wonen dat ik nog meer spullen weg kon/ moest doen. Want kleiner wonen, betekent minder opslag, betekent minder spullen kunnen bewaren. Vuilniszakken vol gingen naar de kringloop en de stort. Er ging vooral veel kleding weg. Het voelde enorm bevrijdend om steeds minder spullen te hebben.

Nog steeds kunnen er spullen weg

Ik doe nog steeds dagelijks spullen ons huis uit. Papieren, lege pennen, prullaria, gewoon dingen die ik niet meer gebruik en die niet meer belangrijk voor me zijn of kleding die ik niet meer draag.

Mijn regel is eigenlijk: heb ik dit het afgelopen jaar gebruikt en word ik er blij van? Als het antwoord ja is blijft het. Zo niet dan gaat het weg.

Het viel me op hoe weinig spullen ik nodig heb en gebruik, maar hoeveel spullen ik toch bewaarde onder het mom van: “misschien heb ik het toch nog een keer nodig”. Dat is eigenlijk nooit het geval. En als ik toch een keer écht wat mis dan leen ik het of koop ik het voor weinig via marktplaats of kringloopwinkel.

Van dingen met emotionele waarde maak ik een foto en die sla ik op onder de map ‘memories’ in mijn mail. Dan kan ik ze toch bewaren maar nemen ze geen ruimte in.

Wat voor mij ook echt belangrijk is

Sinds ik mijn diagnose heb gekregen heb ik nog meer mijn focus op minimalisme. Door de extra prikkels en verantwoordelijkheden die het moederschap met zich mee brengt, raak ik nog sneller overweldigd en minimalisme helpt me beter met het leven en mijn bipolaire stoornis te dealen.

Om goed met mijn spaarzame tijd en energie om te gaan, heb ik dus goed gekeken naar welke dingen, maar ook naar welke mensen voor mij nu écht belangrijk zijn. Dat zijn mijn dochters/ mijn gezin, mijn familie, mijn vriendinnen en mijn hobbies schrijven, paarden, series kijken en minimaliseren. En dit zijn dan ook de dingen waar ik mij het meest mee bezig hou.

Mijn ‘kleine’ wereld geeft mij een rustig, overzichtelijk en veilig gevoel. Ik heb alles en iedereen die ik nodig heb in mijn wereld.

Wat minimalisme mij heeft gebracht:

  • meer rust in mijn hoofd
  • overzicht en ruimte in huis
  • meer focus op wat ik echt belangrijk vind
  • aandacht voor wat echt belangrijk is
  • meer tijd voor mijn dierbaren
  • groter gevoel van vrijheid
  • meer creeëren, minder consumeren

Lijkt het je wat?

Lijkt het je wat, maar lijkt het je ook nog lastig en weet je niet goed waar te beginnen? Een leuk spel om te beginnen met minimalisme is de ‘minsgame’

Hier vind je een korte video over de minsgame.

Meer weten of minimaliseren? Dan kan ik deze documentaire “Minimalism: a documentary about the important things” erg aanraden!