Op reisblog

Reisadvies voor deze blog

Lieve binnenwereldreiziger,

hier volgt een reisadvies. Of misschien beter gezegd een “waarschuwing”. Mijn website bevat reisverslagen van mijn binnenwereldreis naar het seksueel misbruik uit mijn jeugd. Reisverslagen van hoe ik op deze reis verdwaalde en hoe ik uiteindelijk mijn weg naar huis vond door het misbruik te verwerken.

Reisadvies: kleurcode rood

Het gebied waar we naar afreizen heet: seksueel misbruik. Het gebied heeft het reisadvies: kleurcode rood.

Oftewel: “reizen naar dit gebied wordt ernstig afgeraden. Door zeer ernstige veiligheidsrisico’s in dit gebied kan voor reizigers een levensbedreigende situatie ontstaan.”

Daarom adviseert men dus om niet naar dit gebied te reizen. Ik begrijp dit reisadvies, want seksueel misbruik is een vreselijke plek die heel veel schade aanricht en levensbedreigend is en/ of aanvoelt. Het is nóóit een vrijwillige reis.

Reisadvies: kleurcode groen

Op die vreselijke plek ben ik al geweest en ik ben voor mijn verwerkingsproces met behulp van PSYTREC weer teruggereisd naar die plek. Ik ben daarbij door gebieden met alle kleurcodes gereisd, maar ik ben veilig thuis gekomen, in het gebied met kleurcode groen. Daarom volgt er dus ook een reisadvies met kleurcode groen.

Mijn navigatie heeft eindelijk de locatie “thuis” gevonden. Met thuis bedoel ik dat ik mezelf heb gevonden. Ik heb ontdekt wie ik ben, wat ik wil en hoe mijn verhaal in elkaar zit. Door het verwerken van het misbruik heb ontdekt dat ik veilig ben en dat ik mijn verdere reis aankan. Dat wil ik graag delen.

Geen wereldreis

Een wereldreiziger ben ik nooit geweest. Het reisverslag van mijn reis naar het seksueel misbruik uit mijn jeugd bevat dus geen reisverslagen van wereldreizen.

Hoewel wereldreizen helemaal hip zijn en wereldreisverslagen graag gedeeld en gelezen worden, deel ik in op deze website een hele andere reis. De reis naar binnen. Een erg moeilijke reis waar meestal niemand over wil lezen, omdat er zoveel schaamte en taboes omheen zitten. Het gaat over een reisgebied met kleurcode rood.

Ik vermoed dus dat deze website voor veel mensen erg ongemakkelijk en confronterend is. Dat er mensen zijn die deze website weg willen klikken. Of dat ze überhaupt niet naar deze website willen surfen.

Er zullen mensen zijn die niet op deze website zitten te wachten.

Maar ik realiseer me ook dat er mensen zullen zijn die dat wél doen. Er zijn namelijk heel veel mensen die ook ooit seksueel misbruikt zijn, nog steeds misbruikt worden of mensen die iemand in hun omgeving hebben die seksueel misbruikt is of wordt. Helaas zijn dit veel meer mensen dan we durven denken.

Het web van schaamte en schuld

Zonder dat we het doorhebben, wordt de wereld waarin we leven nog steeds grotendeels bepaald door (de gevolgen van) seksueel misbruik. Het is een web van geheimen, schaamte, schuld en walging. Van pijn, angst, paniek, onmacht, eenzaamheid en wanhoop.

Ik weet dat niemand dit wil horen, maar dat we het niet willen horen of zien, betekent niet dat het er niet is.

Om het te verwerken, is het belangrijk te stoppen met vermijden en ontkennen en te starten met verwerken en herstellen. Dat doet iedereen op zijn eigen tempo en op zijn eigen manier. Ik deel hier mijn manier.

Reisverslagen

Ik heb ervaren en ook van anderen gehoord dat het heel steunend en helend kan zijn om “reisverslagen” over seksueel misbruik te lezen.

Van de reis terug naar het seksueel misbruik en van de reis naar huis. Kortom, het verwerkingsproces. Voor de mensen die op zoek zijn naar herkenning, hoop en begrip heb ik deze website gemaakt.

De schaamte moet eraf om vrij te zijn

Één ding is voor mij cruciaal: de schaamte en schuld moeten eraf. Mensen moeten de ruimte en veiligheid voelen en krijgen om hun verhaal te vertellen. De last van het meedragen van de schaamte en schuld die verbonden is aan seksueel misbruik is ondraaglijk en onmenselijk.

Dit is de reden dat ik mijn verhaal ben gaan vertellen. Dat heeft mij bevrijd van de schaamte en de schuldgevoelens. Ik ben daar héél lang naar op zoek geweest. Die bevrijding gun ik iedereen.

Parasieten

De schaamte en schuld door seksueel misbruik raakt iedereen. De slachtoffers, de familie, de vrienden, de rest van de omgeving, de daders, de daders van de daders en uiteindelijk de wereld.

Seksueel misbruik is als een parasiet die zich door vele mensenlevens heen vreet.

Als je op reis gaat, zijn we ons vaak bewust van de gevaren van parasieten en ziektes. De GGD waarschuwt ons. We krijgen pillen en vaccinaties.

Maar voor binnenwereldreizen krijgen we vaak geen waarschuwingen, adviezen en hulp. Zéker bij seksueel misbruik voelt het alsof we het allemaal alleen moeten doen, want bijna niemand wil of kan erover praten, inclusief het slachtoffer.

Sinds Corona leven we in een tijd waarin reizen niet meer vanzelfsprekendheid is. Binnenwereldreizen is iets geworden wat we nu daarom meer en bewuster kunnen gaan doen.

Ik denk dat dit een tijd is waarin we ons eindelijk op grote schaal bewust kunnen worden van wat seksueel misbruik allemaal aanricht. En dat we op grote schaal kunnen gaan verwerken. We worden ons bewuster van de parasiet die we tegenkomen als we op binnenwereldreis gaan naar onverwerkt misbruik.

Ik hoop dat we met steeds meer mensen die parasiet te lijf gaan. Dat we het taboe op seksueel misbruik doorbreken en kunnen verwerken wat er is gebeurd. Deze website draagt daar hopelijk een steentje aan bij.

Moedige Binnenwereldreiziger, ben je nieuwsgierig en reislustig naar de binnenwereld?

Reis je met me mee? Dan kun je het beste hier starten.

Seksueel misbruik gevolgen

De reden dat jij deze blog leest, is waarschijnlijk omdat je zelf misbruikt bent/ wordt of dat iemand in jouw omgeving misbruikt is. Seksueel misbruik komt helaas erg vaak voor en de gevolgen of beter gezegd de schade van misbruik is groot. In deze blog beschrijf ik meerdere gevolgen van misbruik waar je last van zou kunnen hebben.

Wat is seksueel misbruik?

Er is sprake van seksueel misbruik als een volwassene seksuele handelingen pleegt met een kind. Of wanneer dit gebeurt in andere situaties waarbij de pleger misbruik maakt van het leeftijdsverschil of van zijn of haar macht. Er dus sprake van ongelijkwaardigheid. Bijvoorbeeld: een volwassene en een kind (kindermisbruik), een hulpverlener en een cliënt, een docent en een leerling, een grootouder en een kleinkind (incest).

Gevolgen van seksueel misbruik


De gevolgen van seksueel misbruik kunnen voor iedereen verschillend zijn. Uit vele onderzoeken is bekend dat seksueel misbruik tot allerlei psychische, lichamelijke en andere gevolgen kan leiden.

Zo is er een duidelijke relatie tussen seksuele trauma’s en het optreden van de volgende psychiatrische aandoeningen: posttraumatische stressstoornis of een andere angststoornis, dissociatieve stoornis, overmatig alcohol- en drugsgebruik, stemmingsstoornis zoals bipolaire stoornis, somatisatiestoornis, (borderline)persoonlijkheidsstoornis en psychose.

De relatie met eetstoornissen is nog niet opgehelderd, maar eetstoornissen komen relatief vaak voor bij slachtoffers van misbruik.

Andere psychische gevolgen zijn suïcidaliteit, automutilatie, problemen met emotieregulatie, emotionele labiliteit of afvlakking, agressiviteit, delinquent gedrag, een negatief zelfbeeld, schuldgevoelens, gevoelens van schaamte, hopeloosheid en wanhoop, seksuele problemen, angst- en paniekaanvallen, slaapstoornissen, wantrouwen, relatieproblemen en eenzaamheid.

Seksueel misbruikte patiënten gaan vaker naar de huisarts met aspecifieke klachten. Daarmee worden klachten bedoeld die niet passen in een specifieke aandoening. Ze worden vaker opgenomen of geopereerd en hebben vaker lichamelijke klachten en chronische pijn, zoals hoofdpijn en buikpijn. Dat betekent dat op vele plaatsen in de gezondheidszorg patiënten zich met aspecifieke klachten melden die gerelateerd kunnen zijn aan seksuele traumatisering.

Niet iedereen die slachtoffer is van misbruik wordt ziek of krijgt last van klachten. Zover bekend is houdt ongeveer de helft (trauma)klachten over. En wat die klachten zijn, verschilt per persoon. Het voelen en aangeven van grenzen lijkt echter voor de meeste mensen die misbruikt zijn een terugkomend thema.

“Wat ik wil doet er niet toe”

Een groot gevolg is dat je het gevoel kunt hebben dat wat je zelf wilt en wie jij bent er niet toe doet.

Als je seksueel bent misbruikt is er iemand genadeloos over je grenzen gegaan.

Wat jij wilde, voelde of wie je was, deed er niet toe. De dader heeft jou zijn of haar wil opgedrongen. Hij of zij is vanaf dat moment als het ware in je gaan leven.

Daarom kan het lastig voor je zijn geworden om te voelen wat jíj wil en wie jíj bent. Je bent vooral gericht geraakt op wat de ander (van je) wil.

Moeite met grenzen voelen en aangeven

Dat maakt keuzes maken en je grenzen voelen en aangeven vaak lastig. Grote kans dat je vooral focust op de ander door te pleasen en voor de ander te zorgen. Meestal ga je helemaal aan jezelf voorbij en verdwijn je als het ware in de ander.

Het wordt op deze manier erg lastig om je eigen behoeften en jezelf te leren kennen. Dat is sowieso al best een uitdaging, maar als je slachtoffer bent van seksueel misbruik lijkt het een onmogelijke opgave.

Als je dan toch kenbaar maakt wat jij wil en wie jíj bent, voel je je schuldig of schaam je je. Het kan zijn dat je zelfs hees wordt als je jezelf uitspreekt. Dat je gaat stotteren of dat het voelt alsof je keel wordt dicht geknepen. Jezelf uiten is daardoor vaak eng en moeilijk.

Deze video geeft mooi weer wat de gevolgen van seksueel misbruik zijn:

Signalen van seksueel misbruik

Specifieke signalen van misbruik zijn er helaas niet. Er bestaat geen lijstje met gedragingen waarop je kunt letten als omstander; ieder slachtoffer vertoont weer ander gedrag na het meemaken van seksueel misbruik. Slachtoffers van seksueel misbruik laten bovendien vaak juist heel weinig signalen van seksueel geweld zien, omdat ze het misbruik verborgen willen houden. Dertig procent van de misbruikte kinderen vertoont zelfs helemaal geen signalen.

Het is daarom erg belangrijk te letten op gedrag dat afwijkt. Wat is normaal gedrag voor bijvoorbeeld een kind van drie en wat niet? Of: vertoont iemand verandering in gedrag?

Seksueel misbruik komt veelvuldig voor en kan na tientallen jaren nog een grote invloed hebben op de slachtoffers. Vele volwassenen zullen hun vroegere ervaringen met seksueel misbruik geheel of gedeeltelijk verwerkt of “met succes” verdrongen hebben, maar hulpverleners moeten alert blijven op de mogelijkheid dat bepaalde klachten terug te voeren zijn op seksueel misbruik.

Op latere leeftijd kunnen posttraumatische klachten toenemen en zelfs kunnen klachten ontstaan nadat tientallen jaren de indruk bestond dat het trauma verwerkt was. 

Seksueel misbruik bij kinderen

De Nationaal Rapporteur meldde in 2014 dat één op de drie kinderen in Nederland ooit een vorm van seksueel geweld heeft meegemaakt; soortgelijke cijfers werden eerder ook genoemd in buitenlandse onderzoeken. Maar exacte cijfers van kindermisbruik in Nederland zijn er niet. Veel kinderen laten namelijk niet merken dat ze worden misbruikt. Omdat ze bedreigd worden, bang zijn, zich schamen voor het misbruik. Of omdat ze nog te jong zijn om erover te kunnen vertellen.

Veel jonge kinderen herkennen misbruik ook niet. Ze hebben nog nooit van misbruik gehoord, ze weten simpelweg niet wat het is. En de dader presenteert wat er gebeurt als ‘normaal’. Pas op latere leeftijd dringt het besef door dat wat ze in hun jeugd hebben meegemaakt seksueel misbruik was en lopen ze tegen de gevolgen aan. Dan pas begint de verwerking.

Bij iets oudere kinderen en tieners is het vaak een combinatie van factoren waarom ze niet over het misbruik praten. Denk aan dreiging van of manipulatie door de dader, een gevoel van loyaliteit of afhankelijkheid en de angst dat je er zelf schuldig aan bent of dat je niet geloofd wordt.

Deze cijfers zijn hoogstwaarschijnlijk niet meer dan het topje van de ijsberg. Niet zelden spreken slachtoffers er dus helemaal niet over of ze vertellen pas vele jaren later over het misbruik.

De politie weet simpelweg niet hoeveel mensen zich niet bij hun melden. Bijvoorbeeld omdat ze het gevoel hebben dat ze niet geloofd zullen worden, omdat er geen bewijs is of dat de politie toch niets kan beginnen. Victim blaming is ook een reden waarom slachtoffers hun verhaal niet durven doen.

Een bekende trigger die maakt dat mensen toch over het misbruik gaan praten, is het moment waarop slachtoffers zelf kinderen krijgen of als het oudste kind de leeftijd bereikt waarop het slachtoffer zelf misbruikt is.

Seksueel misbruik bij mannen

Wat veel mensen niet weten, is dat ook mannen slachtoffer worden van seksueel misbruik. Eén op de 25 mannen is ooit verkracht. Waarschijnlijk ligt het aantal mannen dat seksueel misbruikt is hoger, maar door alle schaamte en taboes praten mannen er meestal niet over.

Seksueel misbruikt?

Als je slachtoffer bent van seksueel misbruik, kun je contact opnemen met het Centrum Seksueel Geweld via 0800-0188. Neem het liefst binnen zeven dagen contact op met het Centrum Seksueel Geweld. Binnen die tijd kunnen ze je het beste helpen. Is het misbruik langer dan zeven dagen geleden? Ook dan mag je natuurlijk contact opnemen met het Centrum Seksueel Geweld.

Heb je hulp nodig bij seksueel misbruik verwerken? Er zijn gelukkig goede behandelmethodes. Zoals bijvoorbeeld een behandeling bij PSYTREC. Mijn PSYTREC ervaringen zijn heel goed. Een ander psychotrauma centrum is Trauma Centrum Nederland.

Bronnen:

https://centrumseksueelgeweld.nl/seksueel-misbruik/

https://www.ntvg.nl/artikelen/psychische-gevolgen-op-oudere-leeftijd-van-seksueel-misbruik-de-jeugd/

https://www.nu.nl/weekend/5776125/kindermisbruik-is-qua-omvang-en-impact-een-epidemie.html

https://praktijkvoelmoedig.nl/

Binnenwereldreisverslagen

Een wereldreiziger ben ik niet. Verre van zelfs… De verste reis die ik ooit maakte, was mijn binnenwereldreis.

Jarenlang heb ik door mijn binnenwereld gereisd. Ik kwam soms op de mooiste plekken, maar heel vaak voelde ik me totaal verdwaald en had ik intense heimwee. Ik wilde niks liever dan naar huis. Maar ik kon mijn thuis maar niet vinden.

Afreizen naar het trauma: het misbruik

Bijna een jaar geleden begon de coronacrisis. Op reis naar buiten gaan kon niet meer. Geen jaarlijkse reis naar Ibiza. Dus reisde ik nog meer naar binnen. Ik reisde stapje voor stapje af naar de donkerste krochten van mijn leven.

Door het programma Geraldine en de vrouwen ontdekte ik de reisgids die me eindelijk de weg naar huis kon wijzen: Psytrec. Na de behandeling van Psytrec kon ik eindelijk mijn vroegkinderlijk trauma verwerken. Eindelijk kwam ik thuis.

Thuis als locatie op mijn navigatie

Ik kan nu natuurlijk nog steeds binnenwereldreizen. Het hele leven is een reis, maar ik heb mijn thuis, mezelf, nu als referentiepunt. Wat een bevrijding!

Een aantal jaar geleden ben ik op deze website begonnen met het bijhouden van “reisverslagen” van mijn binnenwereldreis. Deze blog deelde ik anoniem.

Een nieuw begin

Maar de reis is nu van mij. Ik heb mijn weg gevonden. Ik schaam me niet meer voor mijn reis en het blijkt sommige mensen zelfs te inspireren en te helpen!

Daarom deel ik nu mijn blog, als mezelf.

Ik begon zes jaar geleden, na de geboorte van mijn oudste dochter, een blog voor hoogsensitieve moeders met als naam enthousiasmoeder.nl (woordspeling met enthousiasmeerder).

Toen ik de diagnose bipolaire 2 stoornis kreeg, zei een goeie vriendin voor de grap: dan moet je van enthousiasmoeder maar manischemoeder.nl van maken! Zo startte ik deze blog.

Maar vanaf nu heb ik de naam van deze website omgetoverd naar Binnenwereldreiziger. Met als ondertitel: binnenwereldreisverslagen. Dat past nu beter, vind ik.

Ik hoop dat mijn blog zorgt voor meer openheid en dat het de taboes op de onderwerpen die ik bespreek helpt doorbreken.

Voor iedereen die nieuwsgierig en reislustig: reis je mee?

XoXo Roos, binnenwereldreiziger

Praktijk Voelmoedig

Eergisteren had ik een gesprek met Jeannette Dijkstra van Praktijk Voelmoedig. Wat een mooie vrouw is dat en wat doet zij geweldig en belangrijk werk! Met haar praktijk Voelmoedig helpt ze zowel vrouwen als mannen seksueel misbruik verwerken. Ook heeft ze een online lotgenotengroep waar ik aan ga deelnemen.

Jeannette is opgeleid als traumatherapeut en zat onder andere in de leer bij expert Peter John Schouten, schrijver van het boek Traumaseksualiteit.

In deze podcast hoor je meer over Jeannette en haar werk. Je leert meer over wat seksueel misbruik aan schade aanricht, wat de gevolgen zijn voor je verdere leven en hoe je kunt beginnen met verwerken. Echt een hele waardevolle en leerzame podcast!

Podcast over Jeannette Dijkstra van Praktijk Voelmoedig.

Boeken over seksueel misbruik

Verlamd van angst van Agnes van Minnen, Traumaseksualiteit van Peter John Schouten en The body keeps the score (Traumasporen) van Bessel van der Kolk. Naast de behandeling van PSYTREC zijn dit de drie geweldige boeken die me erg hebben geholpen in het verwerkingsproces.

Je gaat het pas zien als je het doorhebt zei Johan Cruijff zo mooi. Hoe waar is dat. Steve Jobs zei ongeveer hetzelfde: You can only connect the dots looking backwards. Ik merk dat dit voor mij vooràl van toepassing is nu ik bezig ben met het verwerken van het seksueel misbruik uit mijn kindertijd.

Ineens vallen zóveel dingen op hun plek. Ineens begrijp ik mezelf en mijn leven zoals het gelopen is. Hoewel ik bij PSYTREC de grootste stap heb gezet in het verwerken van mijn trauma merkte ik dat er nog wel stappen zijn om te nemen. Ik wil graag zo veel mogelijk helder krijgen.

Lezen en doorvoelen

Ik ben dus boeken en artikelen aan het lezen over het verwerken van seksueel misbruik. Dit helpt me om alles een plek te geven en het beter te begrijpen. Bij PSYTREC ging het vooral over het verwerken van het trauma en herstellen van PTSS. Daar ging het over tijdens de psycho-educatie. Nu ben ik mezelf psycho-educatie aan het geven over seksueel misbruik en in het specifiek: seksueel misbruik in je kindertijd.

Verlamd van angst door Agnes van Minnen

Vanuit PSYTREC kreeg ik de tip: “Verlamd van angst. Herstellen na seksueel misbruik”. In dit taboedoorbrekende boek wordt door Agnes van Minnen (programmadirecteur van PSYTREC) precies uitgelegd welke instinctieve overlevingsreacties in werking treden tijdens én na seksueel misbruik. Zoals Agnes het noemt: verlammen, vluchten, vechten of vermijden.

Ook legt ze duidelijk uit waarom zoveel mensen pas decenia later voor het eerst over het misbruik kunnen praten. Het zijn allemaal hele logische overlevingsmechanismes. Wat een opluchting om te lezen hoe het werkt. Te begrijpen waarom ik deed (of juist niet deed) wat ik deed.

Het heeft mij geholpen bij de verwerking. Ik ging het pas zien toen ik het doorhad. Die helderheid werkt helend. Ik kon het tijdens het lezen echt doorvoelen, dankzij mijn behandeling bij PSYTREC.

Ik denk dat het voor alle slachtoffers van seksueel misbruik een waardevol boek is, omdat je door dit boek gaat begrijpen dat alles wat je wel of juist niet gedaan hebt tijdens en na het misbruik de júiste overlevingsreacties waren. Dat je het misbruik dus “goed en volgens het boekje” hebt gedaan en dat jou NIKS te verwijten valt! Je bent nooit schuldig. Toen niet, nu niet. Je hoeft je dus niet schuldig te voelen en niet te schamen.

Je brein en lichaam zijn geheel instinctief blijven hangen in de freeze, flight, fight en soms zelfs faint reacties.

Agnes geeft aan dat door al dit besef de cirkel van misbruik kan worden doorbroken en de kans op herhaling afneemt.

Ik vind het een heel verhelderend en toegankelijk boek met uitleg, tips, mythen die worden ontkracht en voorbeeldverhalen.

Traumaseksualiteit door Peter John Schouten

Via Jeannette Dijkstra van Praktijk Voelmoedig kwam ik in aanraking met het geweldige boek “Traumaseksualiteit” van Peter John Schouten. Dit boek was voor mij de perfecte aanvulling op het boek van Agnes van Minnen, omdat het specifiek in gaat op seksueel misbruik in je kindertijd. Dit boek maakt alles nóg helderder. Ik kan het nu nog beter doorvoelen en dus nog beter verwerken.

Het boek gaat over hoe het trauma het hele verdere leven van het slachtoffer beïnvloedt. De schade door seksueel misbruik is ongekend groot. Het boek legt uit hoe de dader als een soort parasiet nog steeds in je woont, zonder dat je het doorhebt en dat je daardoor de opgelopen schade blijft (herbe)leven. Door verwerking kun je de dader uit jezelf halen en helen van de psychische dwarslaesie die je hebt opgelopen door het seksueel misbruik.

Peter John schrijft in zijn boek alleen over mannen en jongens, maar het is voor vrouwen net zo belangrijk om te lezen. Waar ‘hij’ staat, kun je ‘zij’ lezen. Een aantal dingen is alleen op mannen van toepassing.

Peter John zegt: “Iedereen vindt seksueel misbruik heel erg. Als je echter vraagt wàt er dan zo erg is, dan weten weinigen daar iets zinnigs over te zeggen. Na het lezen van dit boek ben je expert in dit onderwerp. Je verwerft veel nieuwe inzichten en hebt de juiste woorden om details te benoemen.” Dat kan ik beamen!

Met dit boek wil hij bereiken dat iedereen weet dat je door seksueel misbruik traumaseksueel kan worden en een psychische dwarslaesie oploopt. Deze nieuwe begrippen geven een nieuwe kijk op de schade en de gevolgen van seksueel misbruik.

Mensen die seksueel misbruikt zijn, zien pas als ze terugkijken op hun leven, hoe dit misbruik in alle facetten hiervan bepalend is geweest. Je ziet het pas als je het doorhebt, you can only connect the dots looking backwards…

Dit boek geeft tot in detail antwoord op wat er gebeurt op het moment dat een kind betrokken wordt in de seksualiteit van een volwassene. Dat is in enkele seconden schokkend veel. In dit boek lees je óók de invloed van het moment op het verdere leven. Dat is ook schokkend veel.

Peter John zegt” “Verwerken van seksueel misbruik is mogelijk. Dat is hoopvol maar het is wel veel werk. In dit boek lees je het hele proces en alle obstakels die je tegen kan komen. De macht van de dader moet je uit je bannen.” Anders hou je de rest van je leven last van hem en sta je niet aan het roer van je eigen leven. Dat heb ik zo duidelijk ervaren.

Hier een mooie korte video over zijn werk:

The body keeps the score

The body keeps the score, in het Nederlands Traumasporen genoemd, is ook een erg waardevol boek. Deze baanbrekende beststeller van Prof. Dr. Bessel van der Kolk gaat niet specifiek over seksueel misbruik, maar over trauma in het algemeen. Vooral trauma bij kinderen!

Van der Kolk noemt trauma één van de grootste gezondheidsproblemen van deze tijd. Vooral vanwege de vaak minder zichtbare trauma’s die kinderen oplopen door huiselijk geweld, seksueel misbruik, mishandeling, verwaarlozing en verslaving (door en van de ouders). Deze trauma’s komen helaas ongekend vaak voor. En dat komt nu steeds meer aan het licht.

Met zijn ruim dertig jaar onderzoek en klinische ervaring laat pionier Bessel van der Kolk zien hoe de angst en het isolement in de kern van het trauma letterlijk veranderingen aanbrengen in zowel de hersenen als het lichaam. In het boek zie je bijvoorbeeld hersenscans die dit aantonen.

Hij legt uit waarom getraumatiseerde mensen chronisch last hebben van onder andere onbegrijpelijke angst, gevoelloosheid en onbeheersbare woede. Hij verklaart hoe trauma het vermogen om te concentreren, te herinneren, vertrouwensrelaties aan te gaan en je thuis te voelen in je eigen lijf negatief beïnvloedt.

Doordat je door trauma de controle over jezelf hebt verloren en gefrustreerd bent geraakt door eerdere vergeefse behandelingen, zijn getraumatiseerde mensen vaak bang dat ze onherstelbaar zijn beschadigd.

Het inspirerende boek beschrijft hoe een groep therapeuten, wetenschappers en hun moedige patiënten nieuwe ontwikkelingen op het gebied van hersenwetenschappen, hechtingssonderzoek en lichaamsbewustzijn integreren tot behandelingen waarmee getraumatiseerde mensen bevrijd kunnen worden van hun trauma.

Gebaseerd op het reguleren en synchroniseren van lichaam en geest door middel van yoga, mindfulness, EMDR, neurofeedback, theater en andere methoden, laat hij nieuwe wegen naar herstel zien, waarbij stap voor stap het vermogen wordt herwonnen om ‘te weten wat je weet en te voelen wat je voelt’. Zo waardevol!

Bovendien creëren ze ervaringen die de machteloosheid en onzichtbaarheid die gepaard gaan met trauma helpen verminderen/ verdwijnen, waardoor zowel volwassenen als kinderen weer zeggenschap over hun eigen lichaam en hun eigen leven kunnen krijgen. Hoe mooi is dat?!

Ik zie het nu ik het doorheb

Door de behandeling van PSYTREC heb ik (de macht van) de dader uit me gehaald. Zoals de schaamte, het schuldgevoelen en de walging die bij hém horen. Die van hém zijn. Ik zie en voél het nu ik het doorheb.

Ik voel dat het proces nog bezig is. Er is namelijk nog meer aan het licht gekomen. Sinds ik mijn verhaal ben gaan delen, zijn anderen in mijn omgeving hun verhalen gaan delen. En die komen erg dichtbij.

De schellen vallen steeds meer en steeds vaker van mijn ogen. Seksueel misbruik komt zóveel voor en richt zóveel schade aan in mensenlevens. In de wereld!

Er is veel gebeurd en veel veranderd in een paar maanden tijd. Met PSYTREC als superstroomversnelling. En de boeken en de verhalen die ik hoor erbij.

Bovengenoemde boeken en gesprekken met mijn familie hebben veel verduidelijkt. Life works in mysterious ways… You can only connect the dots looking backwards.

Ik vertrouw er door dit alles wel op dat alle dots die nog komen gaan, vanzelf te connecten zijn. En dat geeft rust. Voor nu: doorgaan met alles wat ik heb geleerd bij PSYTREC, uit de boeken en van de verhalen van de mensen die hun verhalen met mij durven delen naar aanleiding van mijn eigen verhaal.

Is er iets wat jij wil delen? Een goed boek, een tip? Laat het me gerust weten via een reactie onder deze blog of een privé mail via de contactpagina.

“Stap af van de labels”

Interview Trouw met Floortje Scheepers

‘Mensen zijn ingewikkeld, dus stap af van de labels in de GGZ’

Beeld Fadi Nadrous

De psychiatrie probeert patiënten te vangen in categorieën en labels. Maar daarvoor is de mens te ingewikkeld, betoogt hoogleraar Floortje Scheepers. Door Malou van Hintum, 23 januari 2021.

Mensen zijn ingewikkeld is de titel van het debuut van Floortje Scheepers, hoogleraar Innovatie in de GGZ aan UMC Utrecht. Een bijzonder boek, waarin ze wetenschappers en ervaringsdeskundigen vraagt om te reflecteren op de thema’s die ze in de zeven hoofdstukken aansnijdt.

Rode draad in haar betoog: erken dat je psychische klachten niet kunt vatten in classificaties en protocollen, want je verkoopt illusoire kennis. Kijk bijvoorbeeld naar de wachtlijsten in de GGZ: die zijn er niet korter door geworden. Als al die modellen en richtlijnen écht zouden werken, zouden niet zoveel kinderen en volwassenen blijven ronddolen van de ene hulpverlener naar de andere, met steeds weer een nieuw psychisch label, en zonder goede hulp te krijgen.

‘Helder begrip van mentale ontregeling is simpelweg niet mogelijk’, schrijft Scheepers. ‘Mensen zijn ingewikkeld, en we kunnen beter accepteren dat niet-begrijpen altijd onderdeel van onze wereld en ons mensbeeld zal zijn.’

U schrijft dat op de eerste pagina. Er ligt dan nog een heel boek voor je. De lezer gaat dan toch een beetje moedeloos op weg.

“Het is ook erg ingewikkeld, en dat is geen prettige boodschap. Maar dialoog is de uitweg: als we in gesprek komen en elkaar in die complexiteit proberen te vinden, dan ga je samen oplossingen zien. Geen allesomvattende oplossingen die een nieuw model zijn voor de psychiatrie, maar heel kleine stapjes. En die zijn veel belangrijker. Een alles oplossend model bestaat eenvoudigweg niet, hoe graag we dat ook willen. We leven in een maatschappij waarin het gaat om output, om oorzaken en gevolgen, om resultaten. We moeten dat ombuigen naar een manier van denken en werken die gaat om het proces, om de weg ernaartoe. Dat proces gaan we voor een groot deel aan in onwetendheid. Dat is moeilijk, maar laten we met elkaar verdragen dat het eindpunt niet bekend is, maar dat we er wel kunnen komen.”

U heeft het in uw boek niet over bepaalde stoornissen of aandoeningen, maar over psychische of mentale ‘ontregeling’. Waarom gebruikt u die term?

“Ontwikkelingsstoornissen zoals ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder, red.) en ASS (Autisme Spectrum Stoornis, red.) gaan vooral over aanleg en eigenschappen. Die zie ik als variaties op het type mens. Je hebt sociaal heel onhandige mensen en je hebt supersociale mensen. Je hebt heel gefocuste mensen, en je hebt mensen die constant afgeleid zijn. Als je uitgaat van een statistische verdeling van eigenschappen, kun je bedenken dat de mensen aan de uitersten van het spectrum het zwaar hebben. Zij hebben soms extra begeleiding en ondersteuning nodig.

Floortje ScheepersBeeld Universiteit Utrecht

“Daarnaast heb je de grote psychiatrische beelden zoals psychose, depressie en angst. Dat vind ik echt ontregelingen. Mensen hebben meer of minder aanleg om te ontregelen, maar er zijn ook triggers nodig om die ontregeling tot stand te brengen. Ontregeling is altijd het resultaat van complexe interacties met de buitenwereld. Door die ontregeling een stoornis te noemen, individualiseer je het probleem. Je maakt één persoon tot probleemeigenaar, terwijl die persoon ontredderd en ontregeld is in de context waarin hij leeft.”

U bent geen fan van het toekennen van psychiatrische labels. Maar er zijn mensen voor wie zo’n label het bewijs is dat er echt iets met ze aan de hand is. Ook voor hun omgeving.

“Wij hebben hier een mevrouw gehad die per se de diagnose ASS wilde hebben. Mijn collega-psychiater heeft in alle zorgvuldigheid met haar besproken dat ze toch echt niet dacht dat het ASS was, maar dat er andere dingen in haar leven waren waarmee ze aan de slag zou kunnen. Die mevrouw is woedend vertrokken en heeft een week later bij een andere instelling wel de diagnose ASS gekregen.

“Het is toch vreselijk dat mensen zich alleen erkend of serieus genomen voelen als ze een label aan hun klachten kunnen hangen? Als we een inclusieve samenleving willen, zouden we niet-begrijpen moeten kunnen verdragen, en erkennen dat kwetsbaarheid en onzekerheid onlosmakelijk onderdeel uitmaken van wie we zijn.”

Beeld Fadi Nadrous

Uit de casussen die u in uw boek opvoert, wordt duidelijk dat hulpverleners klachten inventariseren, maar vaak niet de vraag stellen naar de verhalen erachter.

“Dat doen hulpverleners vooral niet omdat de DSM (het handboek voor de psychiatrie, red.) de afgelopen decennia zo dominant is geweest in de organisatie van zorg, de financiering, de protocollen… alles. Sommigen zeggen: ‘De DSM is niet meer dan een classificatiesysteem, we hebben de beschrijvende diagnose, we kijken echt wel breder dan dat, we vragen altijd naar de sociale omstandigheden’. Maar de eindconclusie is toch meestal welke classificatie het meest passend is, welke richtlijn daarbij hoort en welke polikliniek de juiste plek is. De afgelopen dertig, veertig jaar is daar steeds meer op gestuurd. Dat heeft ertoe geleid dat veel professionals bang zijn om het anders te doen. Het is heel treurig dat er door die dominantie van de DSM geen tijd en ruimte meer is om te kijken wie de mens is die voor je zit.

“Ik probeer mijn studenten uit te leggen dat een computer veel beter dan zijzelf lijstjes kan afvinken en scores kan vaststellen om te bepalen of iemand wel of niet aan een zogenoemde stoornis lijdt. Hulpverleners zijn er voor het goede gesprek. Richtlijnen zijn gebaseerd op normgroepen, en een individuele patiënt wijkt daar altijd van af. Hulpverleners zijn er om te kijken hoe groot de afwijking van die norm is, en wat voor deze persoon belangrijk is en betekenis heeft.”

Als instellingen en hulpverleners met dat hele systeem breken, betalen de zorgverzekeraars de behandelingen niet. Want hun codes voor diagnose en behandeling zijn aan die DSM-classificaties gekoppeld.

“Sinds de decentralisatie van de jeugdzorg naar de gemeenten in 2015 is dat voor de jeugdzorg niet meer het geval. In de volwassenenpsychiatrie is dat nog wel zo. Maar je kunt prima met een patiënt bespreken dat die classificatie nodig is om de behandeling betaald te krijgen. Dan zeg je: uw hoofdklacht lijkt somberheid te zijn, dat zet ik op het formulier, maar ik wil met u het gesprek aan over wat u nodig heeft en wat u belangrijk vindt in uw leven.”

Wie is Floortje Scheepers?

Floortje Scheepers (1969) is in Utrecht opgeleid als kinder- en jeugdpsychiater. Ze promoveerde in 2005 op de effecten van antipsychotica in de hersenen van patiënten met schizofrenie. Daarna werkte ze tot 2010 in het Radboudumc. Ze keerde in 2010 terug naar het UMC Utrecht, waar ze in 2017 werd benoemd tot hoogleraar Innovatie in de GGZ en hoofd werd van de afdeling psychiatrie.

Daar moet de betreffende instelling dan ook op ingericht zijn. Die moet vraaggericht werken in plaats van aanbodgericht, zoals nu meestal gebeurt.

“Dat is waar. Ik bezocht laatst een instelling waar hulpverleners verplicht zijn om na de intake de patiënt toe te wijzen aan een bepaald zorgprogramma dat verbonden is met een specifieke classificatie. Bijvoorbeeld het zorgprogramma angst, het zorgprogramma autisme, enzovoorts. De patiënt moet vervolgens het protocol van dat zorgprogramma volgen. 

“Maar als mensen iets anders nodig hebben, dan moet je daar toch mee aan de slag! Je kunt patiënten in een bepaald keurslijf willen duwen, maar het past bijna nooit. Elke patiënt is een unieke patiënt.”

Terwijl iedereen de mond vol heeft van precisiepsychiatrie en gepersonaliseerde zorg.

“En van: de patiënt centraal. Alsof je in de supermarkt komt om ingrediënten voor je pastamaaltijd te halen, en er dan wordt gezegd: hoho, wacht even, we hebben uw profiel gescand, u moet naar de rijst. Het zijn vaak mooie woorden in beleidsstukken, maar in de uitvoering komt er nog weinig van terecht.”

Intussen ontwikkelen hulpverleners allerlei alternatieven voor de door u bekritiseerde aanpak. Maar dat is allemaal kleinschalig. Wat is er nodig om die GGZ-mammoettanker van koers te laten veranderen?

“Het is inmiddels mogelijk om over een andere visie en aanpak te publiceren in goede wetenschappelijke tijdschriften. Dat was tien jaar geleden ondenkbaar. En kleine initiatieven zijn inspirerend en motiverend voor anderen. Uiteindelijk zullen we ook de samenleving in deze andere manier van denken moeten meenemen. Want nog veel te veel mensen kloppen bij de GGZ aan voor een label of pasklare oplossing.”

U bekritiseert ook de opvatting dat afwijkende hersenstructuren en genetische kenmerken de oorzaak zijn van psychiatrische stoornissen.

“Zulke verklaringen zijn te reductionistisch. Ik vind het interessant om te weten hoe een neuron in elkaar zit en hoe een gen tot een bepaald eiwit kan leiden. Maar de koppeling met een psychiatrisch fenotype (iemands waarneembare kenmerken, red.) dat we nog maar zó slecht begrijpen en dat zó ontzettend complex in elkaar zit, kunnen we nog lang niet maken.

“Ga door met biologisch onderzoek, maar suggereer niet dat je daarmee de mens begrijpt. Want dan vlieg je echt uit de bocht. Neurowetenschappers moeten bescheiden zijn over de impact van dat minuscule puzzelstukje op het grote, complexe geheel. Die bescheidenheid ontbreekt te vaak. Er verschijnen veel boeken over het brein die zeggen gedrag te verklaren en die volledig voorbijgaan aan de complexiteit van dat gedrag. Ze creëren valse verwachtingen.”

Floortje Scheepers, Mensen zijn ingewikkeld. Een pleidooi voor de acceptatie van de werkelijkheid en het loslaten van het modeldenken, uitg. De Arbeiderspers, 240 blz., € 21,99.

Hoe innoveert Floortje Scheepers zelf?

Scheepers wil van de GGZ een netwerkorganisatie maken waarin hulpverleners gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor patiënten, en samen met hen en hun omgeving werken aan hun herstel. Ze richt zich op verschillende projecten:

* De Netwerk Intake. Een gespreksvorm die de afdeling psychiatrie van het UMC Utrecht heeft ontwikkeld waarbij vanuit verschillende perspectieven naar problemen wordt gekeken. Doel van deze ‘herstelondersteunende probleemanalyse’ is zorg bieden die past bij de behoeften van een patiënt en die eraan bijdraagt dat diens leven weer in balans komt.

* PsyNet. Digitaal ondersteunde netwerkzorg waar patiënt, mantelzorgers en hulpverleners samen de gewenste zorg bepalen en vorm geven.

* PsyData. In de zorg worden ongelofelijk veel gegevens geproduceerd die veel beter benut kunnen worden dan nu het geval is. PsyData haalt de verborgen kennis uit die data naar boven. Door deze kennis te combineren met de kennis van hulpverleners en de ervaringen van patiënten, is een ‘blended psychiatrie’ mogelijk, zoals Scheepers het noemt; een psychiatrie de meer recht doet aan de dynamische werkelijkheid van patiënten dan het op symptomen gebaseerde DSM-classificatiesysteem dat nu de standaard is.

* De Verhalenbank. Deze bank bevat verhalen van patiënten, mantelzorgers en hulpverleners die worden geanalyseerd op thema’s die kunnen bijdragen aan goede zorg. In haar boek ‘Mensen zijn ingewikkeld’ heeft Scheepers korte, geanonimiseerde citaten uit enkele verhalen opgenomen.

Een “verkeerde” diagnose

Last van het verkeerde label: een artikel van Margreet Vermeulen uit de Volkskrant van zaterdag 23 januari 2021. Je vindt het artikel hieronder, zie de foto’s.

Een vriendin van me stuurde dit artikel door. Jeetje, wat herkenbaar! Vooral het verhaal van Joost Rompa. Ik deel het ook graag hier. Misschien is een (inmiddels) “verkeerde” diagnose op jou niet van toepassing. Mocht dat wel zo zijn of mocht je dat vermoeden dan is dit artikel denk ik goed om te lezen.

Om dit artikel in een bredere context te plaatsen en om extra achtergrond informatie te geven, heb ik een vervolg artikel uit de Volkskrant geplaatst, onderaan de foto’s. Iedereen doet denk ik z’n best om een ander te helpen of om zelf te herstellen.

Niemand is in mijn optiek 100% “schuldig” aan een verkeerde diagnose. Fouten maken is menselijk. En misschien was de diagnose op het moment van diagnosticeren de enige passende diagnose, omdat nog niet alles duidelijk was. Zoals bij mij het geval was.

Toch is het mijn inziens wel echt belangrijk dat fouten worden ingezien en hersteld. De tijden zijn veranderd, er is meer kennis, meer bewustwording. Dat is fijn. Toch gaat het nog wel eens ernstig mis, zoals bij Joost Rompa. Daar moet wel over worden gepraat, vind ik.

Last van het verkeerde label. Door Margreet Vermeulen

Psychiatrie: hokjesdenken

U heeft een depressie. Of nee, een eetstoornis. Of toch een trauma. Hoe komt het dat zo vaak foute diagnosen in de psychiatrie worden gesteld, en wat betekenen die voor patiënten?

Artikel met achtergrond informatie:

OPINIE: DSM

Foute diagnosen? Dit zijn de redenen

Waarom krijgen zo veel mensen in de ggz een verkeerde diagnose? Dat was zaterdag de vraag in het stuk ‘Last  van het verkeerde label’. Volgens vier psychiaters en psychologen zijn dit de redenen. Redactie: 25 januari 2021, 23:17

DSM is niet heilig, wel nuttig

Het opmerkelijke aan psychiater zijn in Nederland is dat je met enige regelmaat in de krant leest hoe je je vak moet uitoefenen. Prima, de psyche is van ons allemaal en een betrokken maatschappij is belangrijk voor de geestelijke gezondheid. Tegelijk is het vermoeiend steeds weer dezelfde stereotyperingen te lezen.

Dit weekend stond ‘Last van het verkeerde label’ (Zaterdag, 23 januari) in deze krant. Het betoogt dat psychiatrische ‘labels’ invalide en schadelijk zijn, en eigenlijk per acuut de prullenbak in moeten. Het stuk sluit aan in een lange rij kritische uitlatingen over de DSM, het classificatiehandboek van psychiatrische stoornissen. Vorig jaar zagen we hoe Tygo Gernandt op tv vooringenomen door de DSM bladerde en zichzelf allerlei diagnoses toedichtte, en was er aandacht voor het ‘herdiagnose-traject’ van GGNet’, waarin deze Gelderse GGZ-instelling op een onjuiste manier een groep patiënten van oude DSM-diagnoses af hielp. De onvermijdelijk vraag is: als er zo veel mis is met die ‘labels’, waarom gebruiken we ze nog steeds?

Het simpele antwoord: ‘labels’, beter gezegd DSM-classificaties, helpen als ze juist worden toegepast. Verder: er is geen goed alternatief. De DSM meldt classificaties, geen diagnoses. Zo’n classificatie zegt iets, maar lang niet alles over iemands problemen. Het is een betrouwbaar maar grofmazig raster dat over de complexe en dynamische realiteit van psychische problematiek wordt gelegd. Dat DSM-raster maakt al decennialang wetenschappelijk onderzoek mogelijk. Bijna al het bewijs voor huidige psychiatrische behandelingen is erop gestoeld. Daarom alleen al is het weggooien van de DSM direct schadelijk voor patiënten en psychiaters.

Nee, de DSM is níét zaligmakend. De manier waarop de DSM (met de neerbuigende term ‘labels’) wordt besproken, leidt tot een valse tegenstelling: een DSM-classificatie doet niets af aan iemands verhaal en wensen. Ook nu kun je daar naar vragen en ze serieus nemen. Gelukkig, op de werkvloer is geen psychiater die zó veel waarde hecht aan de DSM als sommige media doen geloven.

Ook als de DSM goed wordt toegepast is kritiek mogelijk: classificaties zeggen weinig over de omgevingsfactoren noch over de psychologische en hersenprocessen die aan psychiatrische stoornissen ten grondslag liggen. Maar zoals gezegd, er is (nog) geen goed alternatief. Sommige hulpverleners pleiten voor het loslaten van enig objectief en extern kader en willen zich louter richten op de belevingen en ervaringen van de patiënt. Dat vinden wij geen goed idee. Een wereldwijde, gemeenschappelijke ‘taal’ is zinvol bij de behandeling van psychische klachten. Schaf je die af, dan heropen je de deur naar behandelingen waarvan niet helder is of ze effect hebben, zoals in het pre-DSM-tijdperk te vaak gebeurde. Uiteindelijk is dit het eerlijke verhaal: de unieke mens staat in de psychiatrie centraal, de psychiatrische classificatie geeft richting. De ggz kampt met grote problemen, maar daarvoor is de DSM niet verantwoordelijk. Tot er een beter verklaringsmodel is, moeten we milder zijn over de DSM en het in de praktijk juist gebruiken.

Sisco van Veen en Christiaan Vinkers zijn beiden psychiater en onderzoeker bij het Amsterdam UMC.

Kleren van de keizer

Tijdens het lezen van het artikel over labels in de ggz, werd ik als psychotherapeut overvallen door plaatsvervangende schaamte. Er wordt terecht kritiek geuit op de DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) . Het schaamteniveau bereikte een dieptepunt bij de onthulling door een medewerker van de Reinier van Arkel-groep: ‘Wij kijken veel meer naar wat de individuele patiënt nodig heeft. De DSM is zwart-wit. Daarmee help je mensen niet, want mensen zijn niet zwart-wit.’ Daar valt niets op af te dingen. Het artikel wekt de indruk dat deze zienswijze uniek is. Ik mag hopen van niet.

Ondanks de noodzaak van maatwerk, maakt de ggz gebruik van de DSM. Met reden, het heeft als altijd te maken met geld. Zonder DSM-etiket, vergoedt de zorgverzekering de behandeling niet. Bovendien garandeert een DSM-classificatie min of meer een, relatief goedkope, geprotocolleerde behandeling. Volgens mij bieden de meeste ggz-zorgverleners liefst maatwerk, maar moeten ze door het financieringssysteem de DSM-bril op zetten. Om de rol te spelen van toeschouwers in het sprookje De nieuwe kleren van de keizer. We weten dat de DSM niets toevoegt en bij verkeerd gebruik zelfs schadelijk kan zijn voor de behandelkwaliteit, maar spelen het spelletje mee en ‘doen net alsof’. Een DSM-classificatie is een ggz-toegangsbewijs, en zegt niets over de problematiek van de cliënt.

Henk Vermeulen is psychotherapeut.

Kritiek op DSM, en niet op ICD-10?

Margreet Vermeulen beschrijft hoe in de psychiatrie kenmerken van de ene stoornis zich tevens voordoen bij de andere stoornis. En dat psychiatrische patiënten daardoor meerdere (en foute) diagnosen krijgen. Dat gebeurt in de interne geneeskunde toch ook? Koorts, zweten, verhoogde witte bloedcellen en dan een lijstje mogelijke diagnosen: Lucht- en/of urineweginfectie of ‘focus onbekend’. De ziekteverwekker wordt lang niet altijd gevonden en er is dan al gestart met breedspectrum antibiotica, een therapeutisch schot hagel. De patiënt knapt nog op ook. Of het gaat mis, er bleek sprake van leukemie. Ook voor de lichamelijke ziekten is er een wereldwijd gebruikt systeem voor categoriale diagnostiek, de International Classification of Diseases (ICD-10). Is het een idee om ook over ICD-10 een artikel te schrijven als toonbeeld van falende medische diagnostiek en behandeling?

Valentijn Holländer  is psychiater.

Hoera, ik heb een 3 gehaald! Klinisch Interview PTSS / KIP test

Wie had dat gedacht: ik ben blij dat ik al bijna een jaar 100% negatief ben (qua coronatest uitslagen dan he 😉 ) en ik had ook nooit gedacht dat ik blij zou zijn met het behalen van een 3 haha! Maar nu ben ik er blij mee. PSYTREC heeft wederom het Klinisch Interview PTSS (de KIP test) bij me afgenomen. En ik heb een 3 gehaald, hoera!

KIP test score bij intake: 41

Bij de eerste intake hebben ze de KIP test ook gedaan. Toen was mijn score 41. Alles boven de 25 wordt aangemerkt als Post Traumatische Stress Stoornis. Ik kreeg dus de diagnose PTSS en mocht bij PSYTREC in behandeling.

Nu ben ik weer getest en zoals ik al aanvoelde en verwachtte, is mijn score grandioos gedaald: naar 3! Ik ben dus officieel PTSS vrij en het allerbelangrijkste: zo vóelt het ook!

Waar die 3 punten vandaan komen

Die 3 punten hebben te maken met dat ik voel dat ik sommige dingen nog wil vermijden. Dat is zo’n oud patroon. Ik ben me er gelukkig inmiddels van bewust.

Verwerken en vermijden gaan niet samen heb ik geleerd en daarom vermijd ik het dus níet, al voel ik dat ik het nog wel zou wíllen. Soms val ik nog wel even in de valkuil, maar dan herpak ik mezelf weer. Een paar voorbeelden van mijn oude vermijdingsgedrag: overdag de luxaflex dicht doen en onder een deken op de bank kruipen, in veilige hoekjes gaan zitten, veel scannen, weinig bewegen.

Exposure (in mijn eigen tempo) is key. Dus de luxaflex blijven open, ik ga niet in mijn “veilige hoekje” zitten, ik wandel veel met onze hond zonder steeds de mensen en omgeving te scannen op gevaar enzovoort.

4 tot 6 weken “landingstijd”

PSYTREC gaf aan dat is gebleken dat de hersenen vier tot zes weken de tijd nodig hebben om alles wat er in de behandeling gebeurd is te laten landen. Dat voel ik ook wel. Alles voelt zo op z’n kop gezet. Net als een sneeuwbol die door elkaar geschud is en zodra je hem neer zet, zakt de sneeuw weer.

Vooral de exposure wordt wel een uitdaging. Ik weet wel dat sommige dingen nog triggers voor me kunnen zijn. En zoals ik al eerder zei: verwerken en vermijden gaan niet samen.

Het is belangrijk dat ik me blijf houden aan mijn exposureplan en ook ruim voldoende blijf bewegen om niet weer te verstijven/ in de freeze stand te gaan met alle gevolgen dan dien. Exposure en ruim voldoende matig intensieve beweging zijn de twee dingen die voor mij denk ik essentieel zijn.

Nazorg

Gelukkig heb ik goeie nazorg bij de GGZ. Ik ken mijn behandelaar nu bijna twee jaar. Zij kent me van voor en na de behandeling bij PSYTREC. Dat is een voordeel zei de psycholoog bij PSYTREC. Mijn GGZ behandelaar kan me met de nazorg helpen om op de goede weg te blijven.

Ik ben zo blij en dankbaar dat ik eindelijk verlost ben van al die oude shit. Ja, er is nog werk aan de winkel, maar ik voel ook echt wel: Viva la vida! Samen met alle mooie mensen in mijn leven.

Behandeling bij PSYTREC

Mijn ervaring met de behandeling bij PSYTREC. Ik heb mijn PTSS behandeling bij PsychoTrauma Expertise Centrum PSYTREC met succes afgerond. Na een paar héle lange, intensieve, heftige, zware en bijzondere dagen ben ik van mijn herbelevingen af en word ik niet meer overspoeld door angst, paniek, schaamte, schuldgevoel en walging! Ik voel eindelijk dat ik veilig ben en het leven aan kan. Ik heb mezelf gevonden.

Naar die verlossing en bevrijding heb ik 32 jaar verlangd. Ik ben zó blij en dankbaar dat ik door PSYTREC ben geholpen. Wat een helden werken daar! En ik ben ook trots op mezelf, want het was doodeng en ik heb het tóch gedaan! Ik ben nu officieel PTSS vrij. Mijn KIP score is van 41 naar 3 gegaan. En het belangrijkste: zo vóelt het ook!

In goede handen

Ik denk dat ik nooit had kunnen bereiken wat ik nu bereikt heb als ik me niet volledig had durven overgeven aan (de mensen van) PSYTREC. Vanaf het eerste moment voelde ik dat ik bij de mensen van PSYTREC in goede handen zou zijn. Zij zouden mijn trauma aankunnen en mij kunnen helpen om het aan te kunnen. Ik voelde me veilig.

Natuurlijk had ik al een hele hoop voorwerk gedaan, wat ontzettend heeft geholpen! Zoals de Imaginary Rescripting bij de GGZ, erover praten met mijn omgeving en de ademsessies. Toch denk ik dat ik voor het eerst echt al mijn angsten en herbelevingen helemaal durfde aan te gaan, omdat ik het volle vertrouwen had in de behandeling van PSYTREC en de behandelaren.

Mijn angst in de ogen kijken

Jarenlang probeerde ik van mijn trauma af te komen. Van de angst, de paniek en gevoelens van schaamte, schuld en walging en de depressies. Ik heb van alles geprobeerd, maar niks werkte écht. Ik weet nu waarom: ik durfde niet volledig naar de kern toe te gaan. Ik voelde me daar niet veilig genoeg voor. Nu eindelijk wel, mede door PSYTREC. Daar heb ik eindelijk de juiste hulp gevonden en eindelijk was ik er klaar voor.

Bij PSYTREC moest ik voor het eerst iets doen wat ik nooit eerder heb gedurfd/ gekund. Voor de volle 100% mijn grootste angst aangaan: mijn vroegkinderlijk trauma, met álle details.

Op 5-jarige leeftijd ben ik seksueel misbruikt. Dit seksueel geweld was heel beangstigend en verwarrend voor me. Ik was ook nog zo jong. Ik heb het trauma geprobeerd zo goed mogelijk weg te stoppen. Bij PSYTREC ontdekte ik waaróm ik dit precies deed en waar ik precies zo doodsbang voor was. Bij PSYTREC noemen ze dit je “harm expectancies”.

Waar ik al die tijd bang voor was

– Ik was doodsbang dat het weer zou gebeuren. Ik wilde geen zwakte tonen. Ik wilde “normaal” zijn, zodat ik nooit weer ten prooi zou vallen. Maar ik voelde me van binnen verre van normaal. Ik voelde zo’n slappeling en mislukkeling. Voorkomen dat het opnieuw zou gebeuren deed ik vooral door me veel beter voor te doen dan ik me voelde en me steeds te richten op anderen in plaats van op mezelf door te pleasen. Ik deed alles om de gevoelens die bij het trauma hoorden te vermijden en om anderen geen pijn te doen.

– Ik was doodsbang om gek te worden. Ik dacht dat ik het allemaal niet aan kon en als zwakste door de mand zou vallen. Het gevoel van alles onder controle moeten houden en de angst om ontmaskerd te worden als mislukkeling, gaven me het gevoel gek te worden. Ik was zo bang dat ik dan zou worden opgenomen en iedereen kwijt zou raken. Dat ik dan helemaal alleen zou zijn. Of dat mijn dierbaren zouden blijven, maar dat ze het óók niet aan zouden kunnen en om zouden vallen. Dan zou ik mijn dierbaren pijn doen én dan zou mijn vangnet weg zijn.

– Ik was doodsbang dat ik een eind aan mijn leven zou maken. Door de angst (voor de herbelevingen), schaamte, schuldgevoelens en walging raakte ik vaak erg depressief. Als enige oplossing en uitweg zag ik dan zelfmoord. Ik wilde natuurlijk niet echt dood. De suïcidale gedachten waren een vlucht. Ik wilde niet voelen wat ik allemaal voelde. Mijn trauma aangaan was geen optie, dat zou ik niet aan kunnen. Dacht ik.

Ik kan het wél aan!

Bij de behandeling van PSYTREC heb ik erváren en doorvoeld dat ik het wel degelijk aan kan. Ik kreeg eindelijk de tools om te dealen met stress en moeilijke gevoelens. Door de combinatie van lange dagen met veel verschillende behandelaren en vol psycho-educatie, sport, bewegen, exposure en emdr ervaarde ik dat ik het trauma en het leven wél aankan en dat alles waar ik bang voor was niet gebeurt.

PSYTREC heeft mijn angstbrein (amygdala) en zenuwstelsel tot rust gebracht en mijn prefrontale cortex geactiveerd. Het voelt als een reset van mijn brein en van mijn stress systeem, mijn zenuwstelsel.

Ja, de behandeling was doodeng, loodzwaar, intens verdrietig, heftig en noem maar op. Maar ik ervaarde keer op keer: ik ben nu veilig en ik kan het aan!

Jeetje wat was dát een openbaring en bevrijding! Het voelde alsof de wereld (op een positieve manier) op z’n kop stond. Of eigenlijk stond ík altijd op z’n kop en zette PSYTREC me weer rechtop. Ik was eerst in totale verwarring. “Wat gebéurt hier?!? Hoe kan dit?!?” Het was zó anders dan ik gewend was.

Healing isn’t about changing who you are. It’s about changing how you feel about who you are.

De opbouw van de behandeling

Het programma van PSYTREC vind ik heel goed opgebouwd. Dat maakt de behandeling zo succesvol denk ik. In de ochtend psycho-educatie over PTSS, sport, bewegen en exposure therapie. En dan in de middag/avond nog meer psycho-educatie, sport, bewegen en dan emdr therapie.

Per dag wordt er één trauma/ herbeleving behandeld. Ik had vooral last van twee herbelevingen die thuis online in twee lange, intensieve dagen behandeld zijn.

Exposure therapie

’s Ochtends ging ik tot 100% van mijn angst in de exposure therapie. Daar heb ik dus tot in elk detail herhaaldelijk over de traumatische ervaring gepraat. In geuren en kleuren. Terwijl ik aan triggers blootgesteld werd. Vreselijk. Maar daarna zo’n opluchting!

Bij PSYTREC zijn ze van alles gewend. Ze horen de vreselijkste trauma’s. Ik durfde dus mijn schaamte voorbij bij deze professionals. Vermijdingsgedrag en veiligheidsgedrag werden onderschept. Met mijn exposureplan werkte ik eraan om mijn vermijdingsgedrag en veiligheidsgedrag te stoppen. En dus kon ik tot 100% van de angst komen en álles vertellen. Iets wat ik nog nooit eerder heb durven doen!

Ja, ik durfde bij alles wat ik vóór PSYTREC had gedaan wel tot 50, 60, 70, 80 of soms misschien 90% van mijn angst te gaan. Zoals bijvoorbeeld in mijn Imaginary Rescripting therapie bij mijn GGZ behandelaar. Nog nooit durfde ik tot de volle 100% van mijn angst te gaan. Ik dacht namelijk altijd dat ik dat niet aan zou kunnen. Terwijl dat nou juist precies hetgene was wat ik nodig had om mijn trauma te verwerken. Ik leerde dat verwerking en vermijding niet samen gaan.

EMDR therapie

In de middag/ avond ging ik met de emdr therapie mijn herbelevingen “omtoveren” in herinneringen. Ik schrijf omtoveren, omdat het zo voelde. Het voelde zo gek, zo anders dan ik gewend was. Het voelde als een herprogrammering. Ze brachten mijn angstbrein tot rust, waardoor mijn zenuwstelsel tot rust kwam en mijn constante automatische fight, flight en freeze reacties zijn gestopt.

Na de emdr sessies kon ik rustig en zonder angst, zonder schaamte, schuld en walging kijken naar de plaatjes. Want de herbelevingen waren niet meer levensecht. Het waren plaatjes. Waar ik van een afstand rustig naar kon kijken. Vanuit mijn nadenkende prefrontale cortex brein in plaats vanuit mijn angstbrein/ amygdala. Zo kon ik dus ook ineens rustig naar de foto van de dader kijken. Hij was een plaatje geworden!

Nu denk je misschien: ja natuurlijk zijn het maar plaatjes! Maar zo vóelde ik dat nooit. Voor mij voelde alles als een levensechte bedreiging en ik voelde me dus nergens veilig. Voorál niet in mijn hoofd en lijf. Daaraan ontsnappen is iets wat ik altijd geprobeerd heb, maar wat nooit succesvol lukte. Mijn amygdala en zenuwstelsel waren hyperactief door het onverwerkte trauma en dat beïnvloedde mijn gevoel van veiligheid en daarmee mijn hele leven.

Bij PSYTREC ben ik ge-reset, heb ik tools gekregen om met stress te dealen en heb ik ervaren dat ik veilig ben. In deze wereld, maar vooral in mijn hoofd en lichaam. Dat voelt voor mij magisch. Dat was mijn diepste verlangen. En nu is het eindelijk gelukt. Het voelt als thuiskomen.

De helden van PSYTREC

De helden van PSYTREC hebben mij geholpen bij het maken van mijn innerlijke reis van de held. Ik blijk mijn eigen held te zijn.

Natuurlijk voel ik nog steeds verdriet als ik denk aan wat er gebeurd is. Maar de bijbehorende instant angst, paniek, schaamte, schuld en walging hebben plaats gemaakt voor begrip en mededogen voor mezelf. Dat voelt heel erg fijn. De behandeling van PSYTREC heeft mijn zelfbeeld veranderd.

Ik ben er natuurlijk nog niet. Ik moet 32 jaar oude patronen veranderen en verder gaan met de verwerking. Dat kost tijd.

Verwerken en vermijden gaan niet samen dus exposure en beweging zijn essentiële handvatten om mijn herstel voort te zetten. Bij PSYTREC zeiden de behandelaren dat als ik weer ga vermijden de herbelevingen en bijbehorende ellende terug kunnen komen. Dan gaan mijn amygdala en zenuwstelsel weer in de overdrive.

Dat wil ik natuurlijk niet en het zou ook erg zonde zijn van al mijn harde werk. Ik heb dus nog genoeg huiswerk en krijg ook nog nazorg van mijn GGZ behandelaar, die ik al bijna twee jaar ken. Ik ga voor mijn herstel en weet dat ik het kan.

In order to heal, you have to stop pretending it doesn’t hurt.

Het citaat hierboven vind ik zo veelzeggend. Alles is begonnen met aan mezelf en anderen eerlijk toegeven dat ik pijn leed. Dat ik (innerlijk) erg gewond was en me daardoor heel kwetsbaar en naar voelde. Vervolgens moest ik hulp vinden die ik vertrouwde en waar ik me veilig voelde. Zodat ik daar mijn al mijn wonden helemaal bloot kon leggen en volledig kon laten behandelen. Ik voelde dat ik dat kon doen bij PSYTREC.

Thuiskomen

Wie weet verdwijnen of verminderen mijn bipolaire klachten wel en blijk ik geen “echte” bipolaire 2 stoornis te hebben, maar uitte de PTSS zich in bipolariteit. Ik hoop en vermoed het. (UPDATE: Mijn vermoeden is uitgekomen. Ik ben van mijn bipolaire 2 stoornis diagnose af.)

Ik gun eenieder die kampt met diepe innerlijke wonden een behandeling bij PSYTREC. Om thuis te komen bij zichzelf. Mocht je dit lezen en dingen herkennen: op de website van PSYTREC kun je meer informatie vinden en kun je een PTSS zelftest doen.